mijnloonbrief.be

Uw eerste werknemer aanwerven in België

Twaalf stappen in volgorde, met hun termijn en de wettekst die ze oplegt: RSZ-inschrijving vóór de Dimona, arbeidsongevallenverzekering vanaf dag één.

Elke termijn en elke wettekst hieronder is op 5 september 2026 bij de bron gelezen.

  1. Zich als werkgever laten inschrijven bij de RSZ

    Vóór of bij de aanwerving. Dit gaat de Dimona VOORAF

    Via de toepassing WIDE, formulier ID122w. U hebt een KBO-nummer nodig. U krijgt onmiddellijk een voorlopig nummer waarmee u de Dimona kunt doen.

    Tekst : Wet van 27 juni 1969, art. 21, eerste lid · KB van 28 november 1969, art. 33 § 1

    Sanctie : Geen eigen strafbepaling: het woord « inschrijving » komt niet voor in het Sociaal Strafwetboek. De sanctie komt via de ontbrekende Dimona en DmfA.

  2. Een arbeidsongevallenverzekering afsluiten

    Vanaf de EERSTE dag van tewerkstelling. Terugwerkende dekking bestaat niet

    Eén polis dekt al uw categorieën werknemers, ook tijdens de proefperiode. Er is geen regularisatietermijn: zelfs een korte onverzekerde periode telt.

    Tekst : Wet van 10 april 1971, art. 49, eerste lid

    Sanctie : Ambtshalve aansluiting bij Fedris (art. 50), met een bijdrage per werknemer en per kalendermaand, verhoging en interest. Fedris verhaalt bovendien zijn uitgaven op u (art. 60). Strafrechtelijk: niveau 3, en niveau 4 indien opzettelijk.

  3. Dimona IN

    Ten laatste op het ogenblik waarop de werknemer zijn prestaties aanvat

    De aan te geven begindatum is die van de contractuele band, die vroeger kan vallen dan de eerste gepresteerde dag. Vroeger aangeven mag altijd.

    Tekst : KB van 5 november 2002, art. 8 (en art. 9 voor de Dimona OUT)

    Sanctie : Niveau 4. En burgerlijk: een solidariteitsbijdrage gelijk aan het drievoud van de basisbijdragen op het GGMMI, met een geïndexeerde ondergrens (wet van 27 juni 1969, art. 22quater).

  4. De schriftelijke informatie over de arbeidsrelatie

    Ten laatste de EERSTE werkdag

    Verplicht in ALLE gevallen, ook bij een mondelinge overeenkomst van onbepaalde duur voltijds. Negen verplichte rubrieken; u moet het bewijs van de overhandiging bewaren.

    Tekst : Wet van 7 oktober 2022, art. 4 § 1 en § 2 (richtlijn (EU) 2019/1152)

    Sanctie : Niveau 3.

  5. De schriftelijke arbeidsovereenkomst, wanneer zij vereist is

    Ten laatste bij de indiensttreding

    Vereist voor: bepaalde duur of duidelijk omschreven werk, DEELTIJDS, vervanging, huisarbeid, studenten, uitzendarbeid. NIET vereist voor een voltijdse overeenkomst van onbepaalde duur.

    Tekst : Wet van 3 juli 1978, art. 9, 11bis, 11ter, 119.4, 123 en 124 · wet van 24 juli 1987, art. 4 § 1

    Sanctie : Burgerlijk, en dat weegt zwaarder: de overeenkomst wordt onderworpen aan de voorwaarden van een contract van ONBEPAALDE duur. Deeltijds zonder geschrift: de werknemer kiest het gunstigste stelsel, en er geldt een vermoeden van voltijdse prestaties.

  6. Een arbeidsreglement opstellen

    Vanaf de eerste werknemer, ongeacht het aantal

    Twintig verplichte rubrieken. Zonder ondernemingsraad: ontwerp uithangen, opmerkingenregister VIJFTIEN dagen, dan inwerkingtreding. Een kopie aan elke werknemer, en binnen de ACHT dagen na inwerkingtreding een kopie aan het Toezicht op de sociale wetten.

    Tekst : Wet van 8 april 1965, art. 4, 6 § 1, 12 en 15

    Sanctie : Niveau 2 (niet geldig opgesteld), niveau 1 (ontbrekende rubrieken). En burgerlijk: het reglement is NIET tegenwerpelijk aan de werknemer aan wie u geen kopie hebt bezorgd.

  7. Interne dienst en externe dienst voor preventie en bescherming

    Samen met de eerste werknemer. De wet stelt geen termijn

    Elke werkgever richt een interne dienst op; onder twintig werknemers mag u zelf de preventieadviseur zijn, zonder opleiding van niveau I of II. Voor het medisch toezicht doet u ALTIJD een beroep op één externe dienst. Het gezondheidstoezicht geldt niet voor elke werknemer: alleen veiligheidsfuncties, functies met verhoogde waakzaamheid en welbepaalde risico's.

    Tekst : Wet van 4 augustus 1996, art. 33 § 1 · Codex welzijn op het werk, art. II.1-10, II.3-2 en I.4-3

    Sanctie : Niveau 3, en niveau 4 als er gezondheidsschade of een arbeidsongeval uit volgt.

  8. De loonafrekening bij elke betaling

    Bij elke definitieve afrekening van het loon

    De vermeldingen worden bepaald door UW paritair comité. Alleen bij ontstentenis gelden de vijftien rubrieken van het KB van 27 september 1966.

    Tekst : Wet van 12 april 1965, art. 15 · KB van 27 september 1966, art. 1 en 2

    Sanctie : Niveau 3, vermenigvuldigd met het aantal werknemers.

  9. De individuele rekening

    Kopie binnen TWEE maanden na de aanvang van de tewerkstelling

    Eén rekening per werknemer en per jaar. Kopie van het afgelopen jaar vóór 1 maart. Vijf jaar te bewaren. Het algemeen personeelsregister is daarentegen dood voor wie een Dimona doet.

    Tekst : KB van 8 augustus 1980, art. 3 § 3, art. 21 en art. 25

    Sanctie : Niveau 3 (niet opgesteld), niveau 2 (laattijdige afgifte).

  10. DmfA en betaling van de bijdragen

    Ten laatste de laatste dag van de maand die volgt op elk kwartaal

    30 april, 31 juli, 31 oktober, 31 januari. Maandelijkse voorschotten zodra de bijdragen van kwartaal T-2 een drempel bereiken. Een nieuwe werkgever is vrijgesteld voor zijn twee eerste maanden.

    Tekst : KB van 28 november 1969, art. 33 § 2 en art. 34

    Sanctie : Bijdrageopslag en verwijlinterest, forfaitaire vergoedingen per ontbrekende lijn. Strafrechtelijk: niveau 3, niveau 4 indien opzettelijk.

  11. Bedrijfsvoorheffing

    Binnen de vijftien dagen na het kwartaal, voor een eerste aanwerving

    Het driemaandelijkse stelsel geldt wanneer de voorheffing van het VORIGE jaar onder een geïndexeerde drempel bleef. Bij een eerste aanwerving is zij nul. Geen enkele afzonderlijke inschrijving: uw dossier wordt aangemaakt bij de eerste aangifte in FinProf.

    Tekst : WIB 92, art. 270 en 412 · KB/WIB 92, art. 90

    Sanctie : Verwijlinterest, belastingverhogingen en administratieve boete.

  12. Kinderbijslag: NIETS te doen

    De verplichting voor de werkgever om zich bij een kinderbijslagfonds aan te sluiten is opgeheven: 1 januari 2019 in Vlaanderen, Wallonië en de Duitstalige Gemeenschap, 1 januari 2020 in Brussel. Vandaag sluit de RECHTHEBBENDE zich aan, niet u.

    Tekst : Decreet van 27 april 2018, art. 209 · decreet van 8 februari 2018, art. 120 · ordonnantie van 25 april 2019, art. 39 · decreet van 23 april 2018, art. 110

Wat een eerste werknemer van 2.500,00 EUR bruto werkelijk kost

Een bediende in paritair comité 200, alleenstaand, zonder kinderen ten laste, voltijds 38 uur, loonbrief van september 2026. Alle bedragen hieronder komen uit de rekenmotor van dit platform, niet uit een tabel.

Brutoloon2.500,00 EUR
Werkbonus (vermindering van de RSZ-werknemersbijdrage)− 245,72 EUR
RSZ werknemer, na werkbonus81,03 EUR
Belastbaar bedrag2.418,97 EUR
Bedrijfsvoorheffing229,61 EUR
Bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid13,74 EUR
Netto voor de werknemer2.175,62 EUR
Basiswerkgeversbijdragen (25 %)625,00 EUR
Brutokost voor de werkgever, vóór vermindering3.125,00 EUR

En dan het derde kwartaal 2026, waar de vermindering speelt

Basiswerkgeversbijdragen van het kwartaal1.875,00 EUR
Structurele vermindering lage lonen (DmfA-code 3000)− 944,38 EUR
Eerste aanwervingen, rang 1 — G21 (DmfA-code 3315), na aftopping− 930,62 EUR
Nog te betalen aan de RSZ voor dat kwartaal0,00 EUR
  • Het G21-forfait bedraagt 2.000,00 EUR per kwartaal en is sinds 1 juli 2026 ONBEPERKT in de tijd voor de eerste werknemer. Voor de rangen 2 tot 5 bedraagt het 1.000,00 EUR gedurende 12 kwartalen, te nemen binnen een venster van 20.
  • Hier is de vermindering AFGETOPT: de bijdragen van het kwartaal nemen ze niet volledig op. Het saldo wordt niet terugbetaald en niet overgedragen — daarom staat er 0,00 EUR en geen negatief bedrag.
  • De rang wordt door de werkgever ingevoerd, hij wordt niet uit onze tellers afgeleid: hij hangt af van twaalf maanden tewerkstellingsverleden, technische bedrijfseenheid inbegrepen. Een vermindering vragen waarop u geen recht hebt, kost 10 % verhoging en interest.
  • Dit voorbeeld bevat NIET: de arbeidsongevallenverzekering, de jaarlijkse vakantie van arbeiders (15,84 %), de sectorale bijdragen van uw paritair comité, noch de solidariteitsbijdrage. De werkelijke werkgeverskost kan dus hoger liggen.
  • Het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen (CAO nr. 43) bedraagt 2.233,61 EUR per maand sinds 1 juli 2026. Het barema van uw paritair comité kan hoger liggen — en dan geldt dat barema.

Zoek uw paritair comité en zijn minimumloon

Uw Dimona online doen in twee minuten — en het Mahis-mandaat dat u één keer ondertekent