PC 111 — PARITAIR COMITE VOOR DE METAAL-, MACHINE- EN ELEKTRISCHE BOUW
Minimumloon dat wij toetsen
€ 17,1244 per uur
PC 111: klasse 1, nationaal tarief op 01/07/2026 (17,1244 €/u) — de tabel van de cao maakt voor deze klasse geen onderscheid naar gewest of arbeidsstelsel. Oost- en West-Vlaanderen wijken pas vanaf klasse 3 af.
Bron: CAO van 06/07/2026 — Lonen vanaf 1 juli 2026 (metaalfabrikatennijverheid, 111.01 & 111.02), bijlage, BIJLAGE/ANNEXE — loonschaal per gewest (vast tarief, zonder kolom voor uurregime) (neerlegging 200968) — van kracht op 2026-07-01 de tekst lezen
Wat de loonbrief berekent
- het minimumloon
- de eindejaarspremie
- de verplaatsingskosten
- het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
- zondag en feestdagen
- de vermeldingen op de afrekening
- de Dimona
- de DmfA
Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen
- de uurpremies
- de ecocheques
- de tijdelijke werkloosheid
- de sectorale bijdragen
Identiteit en indexering
- Officiële benaming : PARITAIR COMITE VOOR DE METAAL-, MACHINE- EN ELEKTRISCHE BOUW
- Registercode : 1110000
- Statuten : arbeiders
- Indexering : 07 — laatst toegepast 2026-07-01
Wat het arbeidsreglement moet vermelden
Geen enkele arbeidsduur geldt voor het hele paritair comité: hij verschilt per activiteit. Elke arbeidsduur hieronder geldt voor het toepassingsgebied dat erbij vermeld staat.
Streek van het Centrum: 36 uur
CCT du 21 octobre 2002, art. 3 — « la durée du travail […] est fixée en moyenne sur l'année à 36 heures par semaine » ; l'art. 4 renvoie toutes les modalités à l'entreprise · dépôt 65726/CO/111 · M.B. du 10 février 2004, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 22 décembre 2003 · gelezen op 2026-09-05
Provincies Luik en Luxemburg: 37 uur
CCT du 20 septembre 2011, titre V, art. 8, dernier alinéa — « La durée de travail hebdomadaire maximale étant fixée à 37 heures en moyenne sur base annuelle, les taux de 38, 39 et 40 h/semaine ne sont applicables qu'aux entreprises accordant des repos compensatoires rémunérés » · dépôt 110525/CO/111.0102 · M.B. du 25 septembre 2013, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 mai 2013 · gelezen op 2026-09-05
Paritair subcomité 111.03 — montage van bruggen en metalen gebinten: 37 uur
CCT interprétative du 26 mai 2008, chapitre VI, art. 19 § 1er — « Le temps de travail moyen hebdomadaire est conventionnellement de 37 heures » ; l'art. 20 fixe la limite journalière à 7 h 24 à défaut d'accord · dépôt 88670/CO/111 · M.B. du 16 décembre 2009, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 10 novembre 2009 · gelezen op 2026-09-05
Referteperiode : het gemiddelde moet op jaarbasis worden nageleefd ; de wekelijkse arbeidsduur zelf wordt niet door een nationale overeenkomst vastgesteld — zij volgt uit de gewestelijke of provinciale overeenkomst van de plaats van tewerkstelling en, bij ontstentenis daarvan, uit de overeenkomst op ondernemingsvlak
In de ondernemingen die bruggen en metalen gebinten monteren (paritair subcomité 111.03) bedraagt de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur conventioneel 37 uur. Deze wekelijkse arbeidsduur kan binnen de wettelijke normen worden verlengd mits toekenning van compensatiedagen, via een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT interprétative du 26 mai 2008 relative au temps de déplacement et au temps de transition (CP 111.03 — section montage), chapitre VI, art. 19 §§ 1er et 2 · dépôt 88670/CO/111 · A.R. publié au M.B. du 16 décembre 2009, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 10 novembre 2009 · gelezen op 2026-09-05
In diezelfde ondernemingen worden, wanneer een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak werd gesloten in toepassing van artikel 19 § 2, de daggrenzen van de arbeidstijd in die overeenkomst vermeld. Bij ontstentenis worden zij, onverminderd de bevoegdheden van de syndicale afvaardiging, in overleg tussen de werkgever en de kraanman vastgelegd en als bijlage bij zijn schriftelijke arbeidsovereenkomst gevoegd. Bij ontstentenis bedraagt de daggrens van de arbeidstijd 7 u 24.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT interprétative du 26 mai 2008 (CP 111.03 — section montage), chapitre VI, art. 20 · dépôt 88670/CO/111 · A.R. publié au M.B. du 16 décembre 2009, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 10 novembre 2009 · gelezen op 2026-09-05
In de ondernemingen van de streek van het Centrum die onder het Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw ressorteren, met uitzondering van de ondernemingen die bruggen en metalen gebinten monteren, wordt de arbeidsduur gemiddeld over het jaar vastgesteld op 36 uur per week. De streek van het Centrum wordt afgebakend door de lijst van gemeenten in artikel 2 van de overeenkomst.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 octobre 2002 « Durée du travail dans la région du Centre », chapitre II, art. 3 (champ d'application territorial : art. 2) · dépôt 65726/CO/111 · A.R. publié au M.B. du 10 février 2004, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 22 décembre 2003 · gelezen op 2026-09-05
In diezelfde ondernemingen worden alle bepalingen en praktische modaliteiten — dagelijkse en wekelijkse effectieve arbeidsduur, toekenning van dagen arbeidsduurvermindering, enzovoort — op ondernemingsvlak vastgesteld door de ondernemingsraad of, bij ontstentenis daarvan, bij akkoord tussen de werkgever en de syndicale afvaardiging. Die modaliteiten houden rekening met de arbeidsorganisatie, met de noodzaak de productietijd te vrijwaren en met de vereisten van de goede werking van de diensten.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 octobre 2002 « Durée du travail dans la région du Centre », chapitre II, art. 4 · dépôt 65726/CO/111 · A.R. publié au M.B. du 10 février 2004, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 22 décembre 2003 · gelezen op 2026-09-05
In de provincies Luik en Luxemburg wordt de maximale wekelijkse arbeidsduur vastgesteld op 37 uur gemiddeld op jaarbasis ; de gewaarborgde minimumlonen die voor de regimes van 38, 39 en 40 uur per week zijn bepaald, zijn slechts van toepassing op de ondernemingen die bezoldigde inhaalrust toekennen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 20 septembre 2011 relative à l'application de l'accord national 2011-2012 et aux conditions de travail et de rémunération minimales pour les provinces de Liège et du Luxembourg, titre V « Salaire minimum garanti », art. 8, dernier alinéa · dépôt 110525/CO/111.0102 · A.R. publié au M.B. du 25 septembre 2013, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 mai 2013 · gelezen op 2026-09-05
In de ondernemingen die actief zijn in het bouwen en de assemblage van autovoertuigen, vrachtwagens en autobussen en in de fabricage van onderdelen en toebehoren voor deze voertuigen, alsook in het bouwen van machines, apparaten en werktuigen, voor zover zij gelegen zijn in de Vlaamse provincies of in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, kan een plus minus conto worden ingevoerd. De maximale referteperiode bedraagt dan 6 jaar. De minimale termijn voor de kennisgeving van de daaruit voortvloeiende wijzigingen van de uurroosters bedraagt 7 kalenderdagen ; hij kan bij collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak worden verminderd tot 3 werkdagen, op voorwaarde dat hierover vooraf een bijzondere overlegprocedure heeft plaatsgevonden. De dagelijkse grens mag niet meer bedragen dan 10 uur, de wekelijkse grens niet meer dan 48 uur, en het maximaal aantal uren van overschrijding van de gemiddelde toegestane arbeidsduur bedraagt 240 uur.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 19 juin 2017 « plus minus conto (flexibilité élargie) », art. 1er (champ) et art. 7, 1 à 3 — conclue en exécution des articles 204 à 214 de la loi du 27 décembre 2006 portant des dispositions diverses (I), instituant le plus minus conto, modifiée par la loi du 5 mars 2017 · dépôt 142104/CO/111 · A.R. publié au M.B. du 8 mars 2018, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 23 février 2018 · gelezen op 2026-09-05