mijnloonbrief.be

PC 219 — PARITAIR COMITE VOOR DE DIENSTEN EN ORGANISMEN VOOR TECHNISCHE CONTROLES EN GELIJKVORMIGHEIDSTOETSING

Minimumloon dat wij toetsen

€ 2 412,81 per maand

PC 219: ondergrens = bijlage 2 (ondernemingen die in 2016 10 € omgezet hebben in een gelijkwaardig voordeel — cao van 05/10/2015), support functies, klasse 1, beginloon, 0 jaar (1 935,59 €/maand op 01/01/2022, +0,4 % — cao van 09/11/2021 nr. 168636/CO/219, art. 5 en bijlage 2). Bijlage 1 (ondernemingen die niet hebben omgezet), de technische functies en de anciënniteit geven recht op meer. Geen recentere cao in het register draagt een nieuw becijferd barema op de leesdatum (05/09/2026). Op 01/04/2026 publiceert het officiële rooster van de FOD Werk 2.412,81 EUR/maand voor de ondersteunende functies, het laagste vakje van de vier secties (indexering van 1,66 % in 4/2026).

Bron: CAO van 09/11/2021, PC 219, "Pouvoir d'achat 2021-2022", nr. 168636/CO/219, Artikel 5 en Bijlage 2 (neerlegging 168636) — van kracht op 2026-04-01 de tekst lezen

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • de eindejaarspremie
  • de maaltijdcheques
  • de ecocheques
  • de verplaatsingskosten
  • de sectorale bijdragen

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR COMITE VOOR DE DIENSTEN EN ORGANISMEN VOOR TECHNISCHE CONTROLES EN GELIJKVORMIGHEIDSTOETSING
  • Registercode : 2190000
  • Statuten : bedienden

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Dit paritair comité stelt geen wekelijkse arbeidsduur vast voor zijn hele toepassingsgebied. Neem de 38 uur van een model niet zomaar over: lees hieronder wat het comité wél schrijft.

Uitsluitend voor de bedienden die instaan voor externe controles : indien de wekelijkse arbeidsduur in het kader van een flexibele arbeidsregeling — de « kleine flexibiliteit » van artikel 20bis van de arbeidswet van 16 maart 1971, of de « nieuwe arbeidsregelingen » van de wet van 17 maart 1987 en van CAO nr. 42 van 2 juni 1987 — op vraag van de werkgever een effectieve gewone tewerkstelling van 42 uur per week of meer mogelijk maakt, dient de onderneming voor de betrokken bedienden een gemiddelde arbeidsduur per week op jaarbasis van 37 uur te respecteren.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 12 décembre 2019, « Temps de travail et assouplissement de l'organisation du travail », art. 3, § 3 (champ restreint par l'art. 1er aux employés occupés à l'exécution de contrôles à l'extérieur), conclue pour une durée indéterminée à partir du 1er janvier 2020, dénonçable moyennant six mois de préavis. Elle succède à l'art. 6 de la CCT des 29 janvier 1985 et 17 juillet 1986 (A.R. du 10 décembre 1986, MB 23/12/1986, p. 17514), expirée le 31 décembre 1986 et reconfirmée à chaque cycle par les accords nationaux jusqu'à la CCT du 15 juin 2016 (134337), expirée elle aussi · dépôt 156744/CO/219 · avis de dépôt MB 17/02/2020 · A.R. publié MB 07/07/2020, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 11 juin 2020 · gelezen op 2026-09-05

Administratief thuiswerk van externe controleurs op vraag van de werkgever is arbeidstijd.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 12 décembre 2019, « Temps de travail et assouplissement de l'organisation du travail », art. 4, durée indéterminée à partir du 1er janvier 2020 · dépôt 156744/CO/219 · avis de dépôt MB 17/02/2020 · A.R. publié MB 07/07/2020, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 11 juin 2020 · gelezen op 2026-09-05

Worden eveneens als arbeidstijd beschouwd, na paritaire overeenkomst op het vlak van de onderneming : a) de tijd die wordt besteed aan het opstellen van verslagen ; b) de tijd die aan technische vergaderingen wordt besteed ; c) de tijd die besteed wordt aan de voorbereiding en opvolging van controles en inspecties, zoals het doornemen van technische documentatie, richtlijnen, enz.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 25 juin 2007 portant l'accord national 2007-2008, art. 8, qui complète par un point c) l'art. 5, point A.2, de la CCT du 21 avril 1977 (enregistrement 4388/CO/219) ; disposition expressément rangée À DURÉE INDÉTERMINÉE par l'art. 18, al. 2, du même accord, résiliable moyennant six mois de préavis · dépôt 84222/CO/219 · avis de dépôt MB 09/10/2007 · A.R. publié MB 09/04/2008, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 19 février 2008 · gelezen op 2026-09-05

In het arbeidsreglement van elke onderneming wordt een procedure opgenomen die, voorafgaand aan enige andere sanctie, voorziet in de verwittiging van elke bediende met minstens 5 jaar anciënniteit in de onderneming, in geval van problemen omtrent zijn functioneren, behalve in geval van dringende reden. Deze procedure staat los van de paritaire procedures inzake sociaal overleg die op ondernemingsvlak bestaan.
Rubriek 6° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 9 décembre 2005 portant l'accord national 2005-2006, art. 4 « Statut de l'employé » ; disposition expressément rangée À DURÉE INDÉTERMINÉE par l'art. 20, al. 2, du même accord, résiliable moyennant six mois de préavis · dépôt 78968/CO/219 · avis de dépôt MB 27/03/2006 · A.R. publié MB 05/09/2006, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 19 juillet 2006 · gelezen op 2026-09-05

Sectoraal anciënniteitverlof : 1 dag per jaar vanaf het 10de jaar anciënniteit in de sector, 2 dagen vanaf het 15de, 3 dagen vanaf het 20ste en 4 dagen vanaf het 25ste. Deze dagen worden toegekend vanaf het kalenderjaar waarin de bediende de vereiste anciënniteit bereikt, voor zover hij tewerkgesteld is in een onderneming uit de sector waar er geen eigen regime van anciënniteitverlof bestaat dat dezelfde rechten voorziet. De bediende die van werkgever verandert maar in de sector blijft, heeft er recht op vanaf het 10de jaar anciënniteit in de sector. Tenzij andersluidende bepalingen wordt het verlof geprorateerd op basis van het effectief arbeidsregime van de bediende op het moment van opname. Bij onmogelijkheid om het op te nemen wegens ziekte tijdens het kalenderjaar wordt een mogelijkheid voorzien tot overdracht of tot uitbetaling, te bepalen in overleg met de bevoegde overlegorganen of in onderling overleg met de betrokken bediende.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 19 décembre 2023, « Congé d'ancienneté », art. 3, effet au 1er janvier 2024, durée indéterminée ; elle coordonne les règles éparses des accords nationaux 2005-2006 (78968), 2007-2008 (84222), 2009-2010 (96992) et 2011-2012 (107526) et remplace les CCT du 21 décembre 2010 (102874) et du 25 octobre 2023 (184511) · dépôt 185628/CO/219 · avis de dépôt MB 07/02/2024 · A.R. publié MB 27/09/2024, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 1er septembre 2024 · gelezen op 2026-09-05

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 219