mijnloonbrief.be

PC 224 — PARITAIR COMITE VOOR DE BEDIENDEN VAN DE NON-FERRO METALEN

Minimumloon dat wij toetsen

€ 2 636,19 per maand

PC 224: gewaarborgd minimumloon, alle meerderjarige bedienden en gelijkgestelden met normale voltijdse prestaties — 2.636,19 €/maand op 01/05/2026 (officiële FOD-tabel, salairesminimums.be, rubriek « Gewaarborgd minimummaandloon »). Deze ondergrens is geharmoniseerd met het arbeidersbarema (cao van 02/03/2026, neerlegging 198620, art. 2) en jaarlijks geïndexeerd op 1 mei volgens de cao van 17/07/1997 (« koppeling van de wedden aan het indexcijfer van de consumptieprijzen », niet geraadpleegd door deze motor); de FOD publiceert het reeds geïndexeerde resultaat, een bedrag dat ongewijzigd is ten opzichte van de vóór-indexeringsreferentie in de tekst van 2026. Voor bedienden die het arbeidsstelsel van de arbeiders volgen, mogen de productiepremies in dit gewaarborgd minimum begrepen zijn. Een afzonderlijk classificatiebarema (klassen A-F, naar anciënniteit) bestaat voor geclassificeerde functies en kan hoger liggen — hier niet berekend.

Bron: CAO van 2 maart 2026 "Appointement minimum garanti" (PC 224), neerlegging 198620, geregistreerd op 17/03/2026, algemeen verbindend verklaard bij K.B. van 27/08/2026, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 11/09/2026, bl. 49660 (NUMAC 2026201886), art. 2 (zelfuitvoerende indexeringsclausule: « est indexé chaque année au 1er mai » volgens de CAO van 17/07/1997) en art. 3 (inwerkingtreding, onbepaalde duur) (neerlegging 198620) — van kracht op 2026-05-01 de tekst lezen

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona
  • de DmfA

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de maaltijdcheques
  • de ecocheques
  • de verplaatsingskosten
  • de tijdelijke werkloosheid
  • de sectorale bijdragen

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR COMITE VOOR DE BEDIENDEN VAN DE NON-FERRO METALEN
  • Registercode : 2240000
  • Statuten : bedienden
  • Indexering : 05 — laatst toegepast 2026-05-01

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Dit paritair comité stelt geen wekelijkse arbeidsduur vast voor zijn hele toepassingsgebied. Neem de 38 uur van een model niet zomaar over: lees hieronder wat het comité wél schrijft.

Een deel van het bediendepersoneel kan het arbeidsstelsel van de arbeiders volgen. Voor die bedienden kunnen de productiepremies begrepen zijn in de gewaarborgde minimumwedde, en dit voor de prestaties voorzien in het arbeidsreglement. Vanaf 1 mei 2026 geldt voor alle meerderjarige en daarmee gelijkgestelde arbeiders en bedienden die normale voltijdse prestaties leveren hetzelfde geharmoniseerd minimumloon ; het wordt berekend op het minimumloon van de arbeiders, zijnde 16,01 € per uur in het 38-urenstelsel oftewel 2.636,19 € per maand, verhoogd met de indexering van 1 mei 2026.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 2 mars 2026 relative à l'appointement minimum garanti, art. 1er et 2 (en vigueur le 1er janvier 2026, durée indéterminée — art. 3) · dépôt 198620/CO/224 · avis de dépôt au M.B. du 1er avril 2026, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 27 août 2026 · gelezen op 2026-09-05

Vanaf 1 januari 2026 bedraagt het sectoraal anciënniteitsverlof één dag na 5 jaar, twee dagen na 10 jaar, drie dagen na 15 jaar, vier dagen na 20 jaar en vijf dagen na 25 jaar anciënniteit. Deze regeling is niet van toepassing indien in de onderneming al een gunstigere regeling geldt ; om te bepalen of een bedrijfsregeling gunstiger is, worden alle door die regeling verworven anciënniteitsdagen samengeteld en vergeleken met het samengetelde aantal van de sectorale regeling (zo komt het sectoraal opgebouwde anciënniteitsverlof na 20 jaar uit op 34 dagen : 5 dagen van het 5de tot het 9de jaar, 10 dagen van het 10de tot het 14de, 15 dagen van het 15de tot het 19de, en 4 dagen in het 20ste jaar). De toepassing van die vergelijking kan niet leiden tot een aantal dagen dat kleiner is dan het aantal dat vóór de inwerkingtreding van de overeenkomst werd toegekend.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 2 mars 2026 concernant le congé d'ancienneté, art. 1er et 2 (en vigueur le 1er janvier 2026, durée indéterminée ; remplace la CCT du 28 août 2023, dépôt 182483) · dépôt 199175/CO/224 · avis de dépôt au M.B. du 23 avril 2026 — opposable à tous les employeurs de la commission à partir du 8 mai 2026 (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · gelezen op 2026-09-05

Vanaf 1 januari 2024 heeft iedere bediende, uit hoofde van het loopbaanverlof, recht op één extralegale verlofdag per jaar bij het bereiken van de leeftijd van 54 jaar, twee dagen per jaar vanaf 57 jaar, drie dagen per jaar vanaf 60 jaar, en vier dagen in het laatste jaar in de aanloop naar het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag of naar het vervroegd of wettelijk pensioen. Deze regeling is suppletief : gunstigere ondernemingsregelingen betreffende een loopbaanverlof, welke benaming er ook aan gegeven wordt, blijven integraal van toepassing en worden door de sectorale overeenkomst niet beïnvloed.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 28 août 2023 relative au congé de carrière, art. 1er et 2 (produit ses effets le 1er janvier 2024, durée indéterminée ; remplace la CCT du 20 décembre 2021, dépôt 172424) · dépôt 182484/CO/224 · avis de dépôt au M.B. du 25 septembre 2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 30 mai 2024 · gelezen op 2026-09-05

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 224