PC 202 — PARITAIR COMITE VOOR DE BEDIENDEN UIT DE KLEINHANDEL IN VOEDINGSWAREN
Minimumloon dat wij toetsen
€ 2 096,75 per maand
PC 202: laagste barema van de drie roosters van de sector — barema C (Carrefour), verkooppersoneel van groep 1, categorie I, 21 jaar (2 096,75 EUR per maand op 01/07/2026). Het algemene barema B begint op 2 099,26 EUR en barema A (Aldi, Colruyt, Delhaize Le Lion, Match, Mestdagh) op 2 106,87 EUR. Voor filiaalhouders gelden eigen minima, gekoppeld aan de omzet.
Bron: GEEN loon-CAO gevonden in het register van de FOD (jc 2020000) voor 01/07/2026 — exhaustieve zoekopdracht van 05/09/2026. De laatst neergelegde loonschaal is CAO nr. 174151/CO/202 van 13/01/2022 (neerlegging 174151, basis spilindex 105,76 op 01/12/2021), nog van kracht maar zwijgt over 2026; CAO nr. 130036/CO/202 (koppeling aan de index, 2015, nog van kracht, art. 3-7: +1 % per schijf van de over 3 maanden afgevlakte bruto gezondheidsindex) legt het indexeringsmechanisme vast, niet het resulterende bedrag. De oorspronkelijke invoer vermeldde enkel « loonschaal op 01/07/2026 », opgenomen uit de databank Minimumlonen van de FOD Werkgelegenheid (29/08/2026) en op 05/09/2026 identiek HERBEVESTIGD (zelfde bedrag, zelfde datum) — die officiële opname blijft de enige bron van het bedrag, niet bevestigd door een CAO-neerlegging die ik heb kunnen lezen. — van kracht op 2026-07-01
Wat de loonbrief berekent
- het minimumloon
- de Dimona
- de DmfA
Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen
- de eindejaarspremie
- de uurpremies
- de ecocheques
- de verplaatsingskosten
- het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
- zondag en feestdagen
- de tijdelijke werkloosheid
- de sectorale bijdragen
- de vermeldingen op de afrekening
Identiteit en indexering
- Officiële benaming : PARITAIR COMITE VOOR DE BEDIENDEN UIT DE KLEINHANDEL IN VOEDINGSWAREN
- Registercode : 2020000
- Statuten : bedienden
Wat het arbeidsreglement moet vermelden
Wekelijkse arbeidsduur: 35 uur
Lager dan het wettelijke maximum van 38 uur. Een reglement dat 38 uur vermeldt, is voor dit comité onwettig.
Referteperiode : de werkgever kiest: hetzij 35 uur per week, hetzij een arbeidsduurvermindering op jaarbasis onder de vorm van zes compensatiedagen, waarvan de data in onderling akkoord worden vastgesteld
De wekelijkse arbeidsduur bedraagt 35 uur. De arbeidsduurvermindering wordt naar keuze van de werkgever doorgevoerd, hetzij door de duur van de prestaties per week tot 35 uur te verminderen — het uur arbeidsduurvermindering wordt dan op één dag in de week toegekend, en niet over meerdere dagen —, hetzij door de arbeidsduur per jaar te verminderen met zes compensatiedagen per jaar, waarvan de data in onderling akkoord worden vastgesteld volgens de in de onderneming geldende modaliteiten inzake extralegaal verlof. Bij vertrek uit de onderneming worden de verworven en niet-opgenomen compensatiedagen uitbetaald pro rata van de gewerkte dagen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 23 novembre 2021 relative à la durée du travail, art. 2 (en vigueur le 23/11/2021, durée indéterminée) · dépôt 173134/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 27/03/2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 janvier 2023 · gelezen op 2026-09-05
De weekgrens vanaf dewelke er overloon dient betaald te worden, blijft behouden op 36 uur per week.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 23 novembre 2021 relative à la durée du travail, art. 3 · dépôt 173134/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 27/03/2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 janvier 2023 · gelezen op 2026-09-05
De arbeidstijd wordt gespreid over ten hoogste vijf dagen van de week en negen uur per dag. Deeltijdse bedienden met een arbeidsovereenkomst van ten hoogste 24 uur per week hebben op hun schriftelijk verzoek het recht hun prestaties over vier dagen per week te spreiden.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 23 novembre 2021 relative à la durée du travail, art. 4 · dépôt 173134/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 27/03/2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 janvier 2023 · gelezen op 2026-09-05
De werkgever heeft zes maal per jaar de mogelijkheid de bedienden op de gewone inactiviteitsdag tewerk te stellen, zonder de grenzen van 35 uur per week, vijf dagen en negen uur per dag te overschrijden. Hij kent dan hetzij een compensatieverlof toe dat overeenstemt met de overschrijding, binnen de zes weken die erop volgen, hetzij een vergoeding gelijk aan het overeenstemmende normaalloon. Vooraleer van die mogelijkheid gebruik te maken, licht hij de betrokken bedienden vijftien dagen op voorhand in, behoudens gevallen van overmacht, en verwittigt hij de sociale inspecteur vierentwintig uur op voorhand.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 23 novembre 2021 relative à la durée du travail, art. 5 · dépôt 173134/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 27/03/2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 janvier 2023 · gelezen op 2026-09-05
Werknemers met vier jaar anciënniteit in de onderneming hebben een individueel recht op een minimale dagelijkse arbeidsduur van vier uur. De uurroosters van werknemers die met een variabel uurrooster zijn tewerkgesteld, moeten ten minste twee weken op voorhand voor de derde week worden meegedeeld; zij mogen tijdens die periode enkel worden gewijzigd mits voorafgaand akkoord van de betrokkenen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 23 novembre 2021 relative à la durée du travail, art. 10 et 11 · dépôt 173134/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 27/03/2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 8 janvier 2023 · gelezen op 2026-09-05
Aan de bedienden worden tien feestdagen per jaar gewaarborgd. De feestdag die samenvalt met de dag of de halve dag van de week waarop in het vijfdagenstelsel gewoonlijk niet wordt gewerkt, wordt respectievelijk vervangen door een dag of een halve dag inhaalrust. De ondernemingsraad stelt er jaarlijks de datum van vast; bij ontstentenis wordt de inhaalrust toegestaan hetzij door verlenging van de jaarlijkse vakantie, hetzij binnen de vijftien dagen die aan de betrokken feestdag voorafgaan of erop volgen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 septembre 2015 relative aux absences, art. 3 (durée indéterminée) · dépôt 130016/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 28/04/2016, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 25 mars 2016 · gelezen op 2026-09-05
In winkels met meer dan vijf medewerkers heeft elke individuele werknemer het recht aan zijn werkgever de vrijstelling van prestaties te vragen gedurende acht weekends per kalenderjaar, bovenop de hoofdvakantie — pro rata bij een onvolledig kalenderjaar. Het gaat om een verschuiving van de gebruikelijke inactiviteitsdag naar het weekend, zonder cumulatie met een inactiviteitsdag in dezelfde week. De opname gebeurt in overleg met de directe hiërarchische overste. De maatregel is niet van toepassing tijdens de maanden juli, augustus en december, noch op weekends die volgen op een feestdag op vrijdag of voorafgaan aan een feestdag op maandag.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 septembre 2015 relative aux absences, art. 4 · dépôt 130016/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 28/04/2016, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 25 mars 2016 · gelezen op 2026-09-05
Bovenop de wettelijke jaarlijkse vakantie wordt aan het administratief personeel, aan de filiaalhouders en aan de overige personeelsleden van de filialen anciënniteitsverlof toegekend: 1 dag na 5 jaar anciënniteit in de onderneming, 2 dagen na 10 jaar, 3 dagen na 15 jaar, 4 dagen na 20 jaar, 5 dagen na 25 jaar en 6 dagen na 30 jaar.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 septembre 2015 relative aux absences, art. 7 · dépôt 130016/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 28/04/2016, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 25 mars 2016 · gelezen op 2026-09-05
De ondernemingen die over geen vervangingspersoneel beschikken en de vakantie niet per beurtrol kunnen toekennen, moeten de sluiting van het filiaal gedurende ten minste twee weken voorzien.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 septembre 2015 relative aux absences, art. 6, al. 2 · dépôt 130016/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 28/04/2016, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 25 mars 2016 · gelezen op 2026-09-05
De minimale arbeidsduur van de deeltijdse werknemers wordt vastgesteld op 20 uur per week indien hun prestaties over meerdere dagen worden gespreid. In afwijking van die duur en van artikel 11bis van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten blijft het voor de ondernemingen mogelijk arbeidsovereenkomsten voor één dag per week aan te gaan; de overige mogelijkheden om werknemers tewerk te stellen met een arbeidsduur die lager ligt dan een derde van een voltijdse betrekking, kunnen enkel worden uitgebreid door een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsniveau. In geval van tijdskrediet kan de wekelijkse arbeidsduur 17,5 uur bedragen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 6 décembre 2023 relative au travail à temps partiel, art. 2 à 5 (en vigueur le 01/01/2023, durée indéterminée ; abroge la CCT du 4 septembre 2017, 141986/CO/202) · dépôt 185125/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 02/09/2024, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 12 août 2024 · gelezen op 2026-09-05
Onverminderd de bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 35 en de sectorale bepalingen inzake het recht op contractaanpassing, hebben de deeltijdse werknemers met een vaste wekelijkse arbeidsduur en variabele uurroosters de keuzemogelijkheid om de bijkomende uren ofwel onmiddellijk uitbetaald te krijgen, ofwel betaald te recupereren binnen een periode van twaalf maanden na afloop van het kwartaal waarin die uren werden gepresteerd.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 6 décembre 2023 relative au travail à temps partiel, art. 10 · dépôt 185125/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 02/09/2024, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 12 août 2024 · gelezen op 2026-09-05
Nachtarbeid is mogelijk voor de e-commerceactiviteiten, mits toepassing van de artikelen 37 en 38 van de arbeidswet van 16 maart 1971. Ondernemingen zonder syndicale afvaardiging voeren die in via de procedure tot wijziging van het arbeidsreglement; de andere via een op ondernemingsvlak gesloten collectieve arbeidsovereenkomst. Op dat vlak wordt onder meer het bepalen en oplijsten onderhandeld van de activiteiten — en dus ook van de functies — die onder de e-commerceactiviteiten vallen.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 14 janvier 2016 relative à l'introduction de travail de nuit pour des activités e-commerce, art. 4 et 5 (durée indéterminée) · dépôt 131108/CO/202 · A.R. publié au M.B. du 21/09/2016, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 15 juillet 2016 · gelezen op 2026-09-05
Paritair comité 202 : de andere comités
Onder dit paritair comité vallen de volgende onderafdelingen: