Naar de inhoud

mijnloonbrief.be

PC 120.03: Paritair subcomité voor het vervaardigen van en de handel in zakken in jute of in vervangingsmaterialen

mijnloonbrief.be past het minimumloon van PC 120.03 automatisch toe op de loonbrief van elke werknemer van dit comité.

Minimumloon dat wij toetsen

€ 16,1666 per uur (stelsel van 38 u per week)

PSC 120.03 (zakken in jute of vervangingsmaterialen): categorie A (naaien, snijden, dubbelen van zakken, thermosnijden, stempelen — de laagste van de vier) — 16,1666 EUR/u op 01/10/2026, stelsel van 38 u. De categorieën B, C en D geven recht op meer, ploegenarbeid op 7 % meer (art. 4 van het Nationaal akkoord van 30/01/2026) en stukwerk op een minimum dat met 10 % verhoogd wordt. Het rooster volgt de afgevlakte gezondheidsindex elk kalenderkwartaal, zodra de stijging 0,50 % bereikt (cao van 13/05/2004, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 09/01/2005): 15,7098 EUR op 01/01/2026, 15,8748 EUR op 01/04/2026, 16,0335 EUR op 01/07/2026, 16,1666 EUR op 01/10/2026 (× 1,0083: afgevlakte index 09/2026 ÷ 06/2026 = 101,20 ÷ 100,37). Jobstudenten krijgen een percentage van het loon van hun categorie: 75 % op 16 jaar, 80 % op 17, 85 % op 18, 90 % op 19, 95 % op 20 jaar — fiche2paie controleert dat percentage niet, omdat de leeftijd niet in het barema zit. ⏳ Volgende mogelijke aanpassing op 01/01/2027, als de afgevlakte gezondheidsindex van december 2026 die van september (101,20 in basis 2025 van Statbel) met 0,50 % overschrijdt.

Bron: Cao van 13 mei 2004 « Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de consumptieprijzen » (PSC 120.03), neerlegging 72093/CO/120.03, algemeen verbindend verklaard bij KB van 09/01/2005 (BS van 03/03/2005); geconsolideerd rooster van de databank « Minimumlonen » van de FOD Werk (comité 1200300) van kracht op 01/07/2022; cao 175222/CO/120.03 van 07/12/2021, art. 2 (+0,40 %), art. 3 tot 5 en bijlage van cao 72093 (driemaandelijkse aanpassing, drempel 0,50 %, afronding op het tienduizendste); sectie 1.1 van het FOD-rooster, categorie A, stelsel 38 u; art. 2 van cao 175222 (neerlegging 72093), van kracht op 01/10/2026 de tekst lezen

Minimumloon per categorie

De loonschaal van PC 120.03 telt 4 vakken. Bedragen nagekeken op 16/10/2026.

Laagste minimum uurloon: Categorie A — naaien, snijden, dubbelen van zakken, thermosnijden, stempelen, € 16,1666 per uur; hoogste: Categorie D — meestergast, geschoold mecanicien, € 17,8642 per uur.

mijnloonbrief.be past op de loonbrief het minimum toe van het vak dat u voor de werknemer kiest; zonder keuze wordt het eerste niveau van de loonschaal gecontroleerd: het laagste van de gewone vakken (volwassene, instapniveau); een lager voorwaardelijk vak (jongere, opleiding, afwijking) geldt enkel als u het kiest.

VakMinimum
Categorie A — naaien, snijden, dubbelen van zakken, thermosnijden, stempelen€ 16,1666/u
Categorie B — opbinden, persen, intern transport€ 16,8341/u
Categorie C — onderhoud, chauffeur, laden en lossen€ 17,047/u
Categorie D — meestergast, geschoold mecanicien€ 17,8642/u

Wat het vak bepaalt: Functiecategorie (A tot D) volgens art. 3 van het Nationaal akkoord van 30/01/2026 (neerlegging 199630/CO/120.03) — bij twee functies bepaalt de best betaalde (art. 8)

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de uurpremies
  • de maaltijdcheques
  • de verplaatsingskosten
  • het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
  • de tijdelijke werkloosheid
  • de sectorale bijdragen
  • de vermeldingen op de afrekening

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR SUBCOMITE VOOR HET VERVAARDIGEN VAN EN DE HANDEL IN ZAKKEN IN JUTE OF IN VERVANGINGSMATERIALEN
  • FOD-code : 1200300
  • Onder comité PC 120
  • Statuten : arbeiders

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Wekelijkse arbeidsduur: 36 u 30

Lager dan het wettelijke maximum van 38 uur. Een reglement dat 38 uur vermeldt, is voor dit comité onwettig.

Referteperiode : 12 maanden, van 1 augustus van het huidige jaar tot 31 juli van het volgende jaar

De gemiddelde wekelijkse arbeidsduur is bepaald op 36 uur 1/2 en wordt gerealiseerd met prestaties van 38 uur/week en door toekenning van 72 inhaalrusturen op jaarbasis, bezoldigd door de werkgever. De gemiddelde wekelijkse arbeidsduur zal nageleefd worden over de referteperiode van 12 maanden, die een aanvang neemt op 1 augustus van het huidige jaar om te eindigen op 31 juli van het volgende jaar.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 30 janvier 2026 „Flexibilité”, art. 3 et 4 ; règle identique depuis la CCT du 18 juin 2001 (dépôt 59645/CO/120, art. 2 et 3), qui la libellait „36.30 heures … et l'octroi de 7,2 jours de repos de récupération annuellement” · dépôt 197744/CO/120.03 · avis de dépôt MB 25/02/2026 · A.R. du 18 mai 2026 publié au MB le 04/06/2026 ; la convention entre en vigueur le 1er janvier 2025 et cesse de produire ses effets le 31 décembre 2026 (art. 6), algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 18 mai 2026

Flexibele uurroosters — ingevolge toepassing van artikel 20bis van de arbeidswet van 16 maart 1971, meer specifiek „kleine flexibiliteit”, worden flexibele uurroosters ingevoerd, die beperkt zijn tot : 1° 2 UUR onder of boven de dagelijkse grens vastgesteld in het uurrooster, zonder dat de daggrens de 9 UUR overschrijdt ; 2° 5 uur onder of boven de weekgrens vastgesteld in het uurrooster, zonder dat de weekgrens de 43 UUR mag overschrijden.
Rubriek 16° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 30 janvier 2026 „Flexibilité”, art. 2 · dépôt 197744/CO/120.03 · avis de dépôt MB 25/02/2026 · A.R. du 18 mai 2026 publié au MB le 04/06/2026 ; la convention entre en vigueur le 1er janvier 2025 et cesse de produire ses effets le 31 décembre 2026 (art. 6), algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 18 mai 2026

Aankondiging van piek- en dalroosters — wanneer de werkgever wil overgaan tot dal- of piekrooster, zal hij, na overleg met de regionale vakbondssecretarissen, dit ter kennis brengen aan de werknemers door het uithangen van een bericht ten minste 7 kalenderdagen vooraf, met vermelding van de alternatieve uurroosters van toepassing. Dit bericht wordt als bijlage aan het arbeidsreglement beschouwd. Het zal aangeplakt blijven zolang de alternatieve uurregeling van toepassing is en bewaard worden tot 6 maanden na het einde van de periode gedurende welke de wekelijkse arbeidsduur moet worden nageleefd.
Rubriek 16° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 30 janvier 2026 „Flexibilité”, art. 5 · dépôt 197744/CO/120.03 · avis de dépôt MB 25/02/2026 · A.R. du 18 mai 2026 publié au MB le 04/06/2026 ; la convention entre en vigueur le 1er janvier 2025 et cesse de produire ses effets le 31 décembre 2026 (art. 6), algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 18 mai 2026

Tijdstip van betaling — de eindejaarspremie (5,33 pct. van het brutoloon verdiend tussen 1 december van het vorige jaar en 30 november van het lopende jaar, met een gewaarborgde minimumpremie van 12,39 EUR voor de werknemers van 21 jaar en ouder) en de aanvullende vakantievergoeding (3 pct. van hetzelfde brutoloon) worden betaald samen met de laatste loonuitbetaling van de maand december. De terugbetaling van de gedragen vervoerskosten (gemeenschappelijk vervoer, andere vervoermiddelen, verplaatsingsvergoeding van 1,00 EUR per effectief gewerkte dag en fietsvergoeding) geschiedt ten minste om de maand.
Rubriek 3° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — Accord national du 30 janvier 2026, art. 19, 20, 21 et 34 — tous rangés par l'art. 47 parmi les articles à durée indéterminée ; mêmes règles aux art. 20, 21, 22 et 35 de la CCT nationale générale du 7 décembre 2021 (dépôt 175222/CO/120.03, A.R. du 18 juin 2023, MB 28/06/2023) · dépôt 199630/CO/120.03 · avis de dépôt MB 26/05/2026 — opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 10/06/2026 (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · aucun arrêté royal à ce jour ; la convention produit ses effets au 1er janvier 2025 et cesse le 31 décembre 2026, SAUF ses articles 1er à 2, 3 à 10, 19 à 25, 29 à 38, 40 à 41 et 47, conclus pour une DURÉE INDÉTERMINÉE et dénonçables moyennant six mois de préavis (art. 47)

Anciënniteitsverlof — aan de werknemer die minstens 20 jaar ononderbroken anciënniteit in de sector heeft, wordt één dag bezoldigde afwezigheid toegekend in de loop van elk kalenderjaar, waarbij de werkgever voor die anciënniteitsdag het normale loon betaalt zoals voorzien in de wetgeving op de betaalde feestdagen ; vanaf 2026 wordt deze dag toegekend na 15 jaar ononderbroken anciënniteit in de sector. een tweede anciënniteitsdag, eerst toegekend vanaf 25 jaar, daarna vanaf 15 jaar in 2014, wordt sinds 2019 toegekend na 10 jaar ononderbroken anciënniteit in de sector ; de betaling ervan valt ten laste van het Fonds voor bestaanszekerheid voor het vervaardigen van en de handel in zakken in jute of in vervangingsmaterialen. Voor IBO en uitzendkrachten wordt de periode als uitzendkracht en IBO voorafgaand aan een contract van onbepaalde duur meegeteld voor het anciënniteitsverlof.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — Accord national du 30 janvier 2026, chapitre VII „Congé d'ancienneté”, art. 36, §§ 1er et 2 — article à durée indéterminée par l'art. 47 · dépôt 199630/CO/120.03 · avis de dépôt MB 26/05/2026 — opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 10/06/2026 (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · aucun arrêté royal à ce jour ; la convention produit ses effets au 1er janvier 2025 et cesse le 31 décembre 2026, SAUF ses articles 1er à 2, 3 à 10, 19 à 25, 29 à 38, 40 à 41 et 47, conclus pour une DURÉE INDÉTERMINÉE et dénonçables moyennant six mois de préavis (art. 47)

Klein verlet — bij overlijden van de partner, van een kind van de werknemer of van een kind van de partner van de werknemer worden DE wettelijk voorziene drie dagen klein verlet op vijf dagen gebracht sinds 1 juni 2005. Deze vijf dagen mogen genomen worden tussen de dag van het overlijden en tot en met de derde kalenderdag die de dag van de begrafenis volgt.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — Accord national du 30 janvier 2026, chapitre VIII „Petit chômage”, art. 37 et 38 — articles à durée indéterminée par l'art. 47 · dépôt 199630/CO/120.03 · avis de dépôt MB 26/05/2026 — opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 10/06/2026 (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · aucun arrêté royal à ce jour ; la convention produit ses effets au 1er janvier 2025 et cesse le 31 décembre 2026, SAUF ses articles 1er à 2, 3 à 10, 19 à 25, 29 à 38, 40 à 41 et 47, conclus pour une DURÉE INDÉTERMINÉE et dénonçables moyennant six mois de préavis (art. 47)

Vakbondsafvaardiging — in de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 december 1971 inzake het statuut van de syndicale afvaardiging (koninklijk besluit van 27 juli 1972, Belgisch Staatsblad van 19 oktober 1972), gewijzigd bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 maart 1989 (koninklijk besluit van 18 december 1989, Belgisch Staatsblad van 12 februari 1990), wordt in artikel 12 het getal 35 vervangen door 30 — de personeelsdrempel vanaf welke een syndicale afvaardiging wordt opgericht. Er wordt een artikel 12BIS toegevoegd : „Een recht om op het werk afwezig te zijn teneinde vormingscursussen te volgen, verstrekt door of op initiatief van de vakorganisaties, wordt erkend. Het aantal dagen afwezigheid toegestaan op het vlak van iedere onderneming bedraagt 2 arbeidsdagen per jaar en per effectief mandaat. De werkgevers betalen het normale loon voor deze afwezigheidsdagen op basis van de wetgeving inzake het loon voor de betaalde feestdagen.”
Rubriek 13° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 18 juin 2001 „statut de la délégation syndicale”, art. 2 et 3, modifiant la CCT du 22 décembre 1971 ; son art. 1er en donne le champ : les employeurs et les ouvriers des entreprises ressortissant à la Sous-commission paritaire de la fabrication et du commerce de sacs en jute ou en matériaux de remplacement · dépôt 60760/CO/120 (classée au registre sous la CP 120 nationale, alors que son article 1er vise la SCP 120.03) · avis de dépôt MB 13/02/2002 — opposable à tous les employeurs de l'organe quinze jours plus tard (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · convention à durée indéterminée · aucun arrêté royal ; celui du 27 juillet 1972, qui a rendu obligatoire la convention de base du 22 décembre 1971, n'a jamais été abrogé (art. 33-34 de la même loi)

Veelgestelde vragen

Wat is het minimumloon in PC 120.03?

Het minimumloon dat mijnloonbrief.be in PC 120.03 controleert, bedraagt € 16,1666 per uur (stelsel van 38 u per week), van kracht op 01/10/2026. Het is het eerste niveau van de loonschaal, het laagste van de gewone vakken; het minimum van elke werknemer hangt af van zijn vak in de loonschaal, en een lager voorwaardelijk vak (jongere, opleiding) geldt enkel als het gekozen is. Voor een werknemer van dit comité controleert de loonbrief de brutovergoeding tegenover dat minimum. Voorziet uw arbeidsovereenkomst of uw cao een hoger bedrag, dan is dat hogere bedrag verschuldigd. Verschijnt er een nieuwe tekst of een indexering, dan wordt het minimum bijgewerkt en verandert de vermelde datum. Op de pagina van het comité staan de cao, het artikel en het neerleggingsnummer waarop dit bedrag steunt, de datum vanaf wanneer het geldt en de sectorale elementen die de loonbrief niet toepast.

Hangt het minimumloon in PC 120.03 af van de categorie van de werknemer?

Ja. De loonschaal van PC 120.03 telt 4 vakken; bedragen nagekeken op 16/10/2026. Laagste minimum uurloon: Categorie A — naaien, snijden, dubbelen van zakken, thermosnijden, stempelen, € 16,1666 per uur; hoogste: Categorie D — meestergast, geschoold mecanicien, € 17,8642 per uur. mijnloonbrief.be past op de loonbrief het minimum toe van het vak dat u voor de werknemer kiest; zonder keuze wordt het eerste niveau van de loonschaal gecontroleerd: het laagste van de gewone vakken (volwassene, instapniveau); een lager voorwaardelijk vak (jongere, opleiding, afwijking) geldt enkel als u het kiest. Voorziet uw arbeidsovereenkomst of uw cao voor die categorie een hoger minimum, dan is dat hogere bedrag verschuldigd. Verschijnt er een nieuwe tekst of een indexering, dan wordt de loonschaal bijgewerkt en verandert de vermelde datum.

Welke tekst legt het barema van PC 120.03 vast?

Het barema dat mijnloonbrief.be toepast, komt uit Cao van 13 mei 2004 « Koppeling van de lonen aan het indexcijfer van de consumptieprijzen » (PSC 120.03), neerlegging 72093/CO/120.03, algemeen verbindend verklaard bij KB van 09/01/2005 (BS van 03/03/2005); geconsolideerd rooster van de databank « Minimumlonen » van de FOD Werk (comité 1200300) van kracht op 01/07/2022; cao 175222/CO/120.03 van 07/12/2021, art. 2 (+0,40 %), art. 3 tot 5 en bijlage van cao 72093 (driemaandelijkse aanpassing, drempel 0,50 %, afronding op het tienduizendste); sectie 1.1 van het FOD-rooster, categorie A, stelsel 38 u; art. 2 van cao 175222 (neerlegging 72093), van kracht op 01/10/2026. Die tekst vormt de grondslag van het gecontroleerde minimum voor dit comité; de loonbrief vergelijkt het brutoloon van de werknemer met dat minimum, en de pagina geeft de cao en de neerlegging.

Paritair comité 120 : de andere comités

PC 120.03 is een onderafdeling van paritair comité 120. Dezelfde familie telt:

Alle 177 paritaire comités

De informatie op deze pagina geldt voor elke arbeider van PC 120.03: elke werknemer, elk personeelslid of elke medewerker met het statuut van arbeider. Uw bedienden vallen onder het paritair comité van hun statuut.

Eerste werknemer onder PC 120.03? Stappen en echte kost

De werkgeverskost van een werknemer berekenen

Een loonbrief online maken voor PC 120.03

De Dimona-aangifte online doen

De eerste loonbrief van elke maand is gratis, zonder bankkaart en zonder iets te installeren. De volgende kosten 5 euro excl. btw per stuk, zonder verplicht abonnement en zonder aansluitingskosten.

Mijn eerste gratis loonbrief maken

Comités in dezelfde familie