mijnloonbrief.be

PC 319 — PARITAIR COMITE VOOR DE OPVOEDINGS- EN HUISVESTINGSINRICHTINGEN EN -DIENSTEN

Minimumloon dat wij toetsen

€ 14,2318 per uur · € 2 343,50 per maand

PC 319 (opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten): gewaarborgd minimumloon van 14,2318 EUR/u, oftewel 2.343,50 EUR/maand in een stelsel van 38 u, op 21 jaar en sinds 01/09/2026 (indexering gepubliceerd in 9/2026; 13,6794 EUR/u en 2.252,54 EUR/maand van 01/03/2025 tot 31/08/2026) — subsector 3190001, inrichtingen erkend of gesubsidieerd door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dat is de laagste van de twee subsectoren van het hoofdcomité: het Belgische Rode Kruis (vleugel Rode Kruis Vlaanderen, humanitaire diensten, subsector 3190002) publiceert 16,4189 EUR/u voor zijn opvangcentra voor asielzoekers op 01/08/2026. De paritaire subcomités 319.01 en 319.02 hebben hun eigen roosters. Dit barema ligt onder het gewaarborgd minimuminkomen van cao nr. 43, dat daarbovenop verschuldigd blijft.

Bron: Databank "Minimumlonen" van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, subsector 3190001 van PC 319 (administratieve primaire bron), die de CAO van 21/12/2017 "statut pécuniaire du personnel" (neerlegging 319-2018-000874) consolideert, sectie 1 « RÉMUNÉRATIONS MINIMUMS : SALAIRE MINIMUM GARANTI », rij « 21 ans » (2 343,50 €/maand — 14,2318 €/u) — van kracht op 2026-09-01 de tekst lezen

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de uurpremies
  • de verplaatsingskosten
  • het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
  • zondag en feestdagen
  • de sectorale bijdragen

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR COMITE VOOR DE OPVOEDINGS- EN HUISVESTINGSINRICHTINGEN EN -DIENSTEN
  • Registercode : 3190000
  • Statuten : arbeiders en bedienden

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Geen enkele arbeidsduur geldt voor het hele paritair comité: hij verschilt per activiteit. Elke arbeidsduur hieronder geldt voor het toepassingsgebied dat erbij vermeld staat.

Inrichtingen en diensten van de Jeugdzorg die erkend of gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschap, alsook de inrichtingen en diensten die dezelfde activiteiten uitoefenen en die noch erkend noch gesubsidieerd zijn: 38 uur
CCT du 22 décembre 1999 relative à l'emploi et au temps de travail dans le secteur des maisons d'éducation et d'hébergement « Aide à la jeunesse », art. 1er et art. 3 — entrée en vigueur le 1er novembre 1999, durée indéterminée · dépôt 54063/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 30 août 2001, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 21 juin 2001 · gelezen op 2026-09-06

Instellingen die erkend en gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 37 uur
CCT du 17 décembre 2001 relative au temps de travail, art. 1er et art. 3 — entrée en vigueur le 1er janvier 2001, durée indéterminée ; l'article 3 fait remonter la réduction au 1er janvier 1999 · dépôt 61915/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 6 avril 2006, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 23 janvier 2006 · gelezen op 2026-09-06

Inrichtingen en diensten van de Jeugdzorg die erkend of gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschap, en inrichtingen en diensten die dezelfde activiteiten uitoefenen en die noch erkend noch gesubsidieerd zijn — de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur wordt van 39 uren per week op 38 uren per week gebracht. Onder werknemers worden de mannelijke en vrouwelijke bedienden en de werklieden en werksters verstaan.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 22 décembre 1999 relative à l'emploi et au temps de travail dans le secteur des maisons d'éducation et d'hébergement « Aide à la jeunesse », art. 1er à art. 4 — entrée en vigueur le 1er novembre 1999, durée indéterminée · dépôt 54063/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 30 août 2001, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 21 juin 2001 · gelezen op 2026-09-06

Instellingen die erkend en gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest — vanaf 1 januari 1999 wordt de wekelijkse arbeidsduur teruggebracht van 38 uren per week naar 37 uren per week, behalve voor de onthaaltehuizen en de begeleidings- en tolkdiensten voor doven, die vanaf 1 januari 2002 verplicht zijn overgegaan van 38 naar 37 uren per week. Onder werknemers wordt het mannelijk en vrouwelijk arbeiders- en bediendepersoneel verstaan. De collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten in de instellingen en diensten die meer voordelige bepalingen voor de werknemers bevatten, blijven van toepassing.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 17 décembre 2001 relative au temps de travail, art. 1er à art. 4 — entrée en vigueur le 1er janvier 2001, durée indéterminée ; conclue au vu de l'accord relatif au secteur non marchand du 29 juin 2000 · dépôt 61915/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 6 avril 2006, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 23 janvier 2006 · gelezen op 2026-09-06

Instellingen die erkend en gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest — de personeelsleden, in voltijds equivalent, zien hun arbeidstijd bovendien verminderd tot 32 uur per week vanaf 1 januari 2001 wanneer zij de leeftijd van 55 jaar hebben bereikt, tot 34 uur per week vanaf 1 januari 2002 wanneer zij de leeftijd van 50 jaar hebben bereikt, en tot 36 uur per week vanaf 1 januari 2003 wanneer zij de leeftijd van 45 jaar hebben bereikt ; de baremieke schalen blijven ongewijzigd. De deeltijds tewerkgestelde werknemers hebben recht op een evenredige vermindering van de arbeidsduur met behoud van loon, naar rato van hun contractuele wekelijkse arbeidsduur. De vermindering gaat gepaard met compenserende aanwervingen. Zij kan worden verwezenlijkt hetzij onder de vorm van betaalde maar niet gewerkte compensatiedagen, waarbij elke compensatiedag het gemiddelde aantal arbeidsuren per dag omvat dat in de individuele arbeidsovereenkomst is bepaald, hetzij onder de vorm van een effectieve vermindering van de arbeidsduur ; de keuze gebeurt hetzij bij ondernemings-cao, hetzij door een wijziging van het arbeidsreglement overeenkomstig de wet op de arbeidsreglementen. In het kalenderjaar waarin de werknemer de leeftijd van 45, 50 of 55 jaar bereikt, wordt het compensatieverlof met behoud van loon evenredig toegepast vanaf de eerste dag van de maand die volgt op die van de verjaardag, en die dagen moeten binnen het jaar worden opgenomen, behoudens andere modaliteiten die in onderling akkoord op ondernemingsvlak of op individueel vlak worden vastgesteld. Gunstiger modaliteiten kunnen bij ondernemings-cao worden vastgesteld ; modaliteiten die compensaties van minder dan een volledig uur toekennen, zijn niet toegelaten.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 17 décembre 2001 relative à la réduction du temps de travail, art. 1er à art. 13 — entrée en vigueur le 1er janvier 2001, durée indéterminée ; conclue au vu de l'accord relatif au secteur non marchand du 29 juin 2000 · dépôt 62117/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 5 décembre 2006, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 27 septembre 2006 · gelezen op 2026-09-06

Inrichtingen en diensten die zowel onder het paritair comité als onder het Paritair subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Duitstalige Gemeenschap (PSC 319.02) ressorteren — een deel van de collectieve arbeidsovereenkomsten van het paritair comité is niet langer op hen van toepassing, en de lijst is nominatief. Zijn niet langer van toepassing op de diensten die onder PSC 319.02 ressorteren : vanaf 1 februari 2002, cao nr. 5695 van 23 maart 1978 en 26 juni 1979 ; vanaf 1 januari 2003, cao nr. 56669 van 19 december 2002. Zijn evenmin nog van toepassing, vanaf 1 januari 2008 voor de diensten die door de Duitstalige Gemeenschap worden gesubsidieerd of erkend, vanaf 1 januari 2009 voor die welke door het Waalse Gewest worden gesubsidieerd of erkend of die in het Waalse Gewest eenzelfde activiteit uitoefenen, en vanaf 1 maart 2012 voor die welke door de Franse Gemeenschapscommissie worden gesubsidieerd of erkend : cao nr. 3409 van 9 juli 1975 behalve artikel 7, zoals gewijzigd bij cao nr. 39749 van 16 maart 1995 en bij cao nr. 46980 ; cao nr. 5696 van 23 maart 1978 en 26 juni 1979 behalve artikel 5 ; cao nr. 28285 van 24 juni 1991, zoals gewijzigd bij cao nr. 30174 en cao nr. 30406 van 17 april 1992 en bij cao nr. 83432 van 21 december 2006 ; cao nr. 31808 van 19 november 1992, zoals gewijzigd bij cao nr. 83432 van 21 december 2006 ; cao nr. 35666 van 1 maart 1994, zoals gewijzigd bij cao nr. 45058 van 7 oktober 1996, bij cao nr. 62103 en cao nr. 62104 van 17 december 2001 en bij cao nr. 83432 van 21 december 2006 ; cao nr. 24385 van 1 juni 1989 ; cao nr. 25457 van 9 juli 1990 ; cao nr. 72096 van 2 juli 2001, zoals gewijzigd bij cao nr. 72095 van 17 december 2001. Ten slotte zijn, vanaf 1 januari 2009 voor alle diensten die onder PSC 319.02 ressorteren, artikel 7 van cao nr. 3409 van 9 juli 1975 zoals gewijzigd, artikel 5 van cao nr. 5696 van 23 maart 1978 en 26 juni 1979, en cao nr. 62119 van 17 december 2001 niet langer van toepassing.
Rubriek 16° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 26 novembre 2014 modifiant le champ d'application de diverses conventions collectives de travail, art. 1er à art. 5 — effets au 1er février 2002, durée indéterminée ; texte tel que rectifié par l'erratum du greffe du 22 janvier 2015 · dépôt 126619/CO/319 · A.R. publié au M.B. du 8 décembre 2015, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 30 octobre 2015 · gelezen op 2026-09-06

Paritair comité 319 : de andere comités

Onder dit paritair comité vallen de volgende onderafdelingen:

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 319

Comités in dezelfde familie