mijnloonbrief.be

PC 319.02 — PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE OPVOEDINGS- EN HUISVESTINGSINRICHTINGEN EN -DIENSTEN VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP, HET WAALSE GEWEST EN DE DUITSTALIGE GEMEENSCHAP

Minimumloon dat wij toetsen

€ 2 396,34 per maand

PSC 319.02: 2.396,34 EUR/maand op 01/08/2026, functie 2 bij anciënniteit 0, stelsel van 38 u — het laagste vakje van de vier subsectoren, dat van de Duitstalige Gemeenschap (3190240). De drie andere liggen hoger: 2.423,14 EUR/maand voor de gehandicaptenzorg in het Waals Gewest (oftewel 15,1131 EUR/u in een stelsel van 37 u, hetzelfde bedrag dat de COCOF per uur publiceert), en 2.505,66 EUR/maand voor de jeugdbijstand buiten de Duitstalige Gemeenschap. Bepaal uw subsector, uw functie en uw anciënniteit: ze geven bijna altijd recht op meer. Dit barema ligt onder het gewaarborgd minimuminkomen van cao nr. 43, dat daarbovenop verschuldigd blijft.

Bron: Databank "Minimumlonen" van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, subsector 3190240 van PSC 319.02 (administratieve primaire bron), sectie 1 « RÉGIME (sur base hebdomadaire) : 38h », tabel « RÉMUNÉRATIONS MENSUELLES MINIMUMS », kolom « fonction 2 » volgens het decreet, anciënniteit 0 — van kracht op 2026-08-01 de tekst lezen

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de uurpremies
  • de ecocheques
  • de verplaatsingskosten
  • het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
  • zondag en feestdagen
  • de sectorale bijdragen
  • de vermeldingen op de afrekening

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE OPVOEDINGS- EN HUISVESTINGSINRICHTINGEN EN -DIENSTEN VAN DE FRANSE GEMEENSCHAP, HET WAALSE GEWEST EN DE DUITSTALIGE GEMEENSCHAP
  • Registercode : 3190200
  • Onder comité PC 319
  • Statuten : arbeiders en bedienden

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Geen enkele arbeidsduur geldt voor het hele paritair comité: hij verschilt per activiteit. Elke arbeidsduur hieronder geldt voor het toepassingsgebied dat erbij vermeld staat.

inrichtingen en diensten van de Jeugdzorg die erkend en/of gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschap, alsook de inrichtingen en diensten die dezelfde activiteiten uitoefenen en die noch erkend noch gesubsidieerd zijn: 38 uur
CCT du 22 décembre 1999 relative à l'emploi et au temps de travail dans le secteur des maisons d'éducation et d'hébergement « Aide à la jeunesse », art. 3 — « Le temps de travail moyen hebdomadaire est ramené de 39 heures par semaine à 38 heures par semaine » · dépôt 54063/CO/319 (commission mère) · A.R. publié au M.B. du 30 août 2001, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 21 juin 2001 · gelezen op 2026-09-06

instellingen die erkend en/of gesubsidieerd zijn door de Franse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 37 uur
CCT du 17 décembre 2001 relative au temps de travail, art. 3 — « le temps de travail hebdomadaire est ramené de 38 heures par semaine à 37 heures par semaine, excepté pour les maisons d'accueil et pour les services d'accompagnement et d'interprétation pour sourds qui passeront obligatoirement de 38 à 37 heures par semaine à partir du 1er janvier 2002 » · dépôt 61915/CO/319 (commission mère) · A.R. publié au M.B. du 6 avril 2006, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 23 janvier 2006 · gelezen op 2026-09-06

Referteperiode : vier opeenvolgende weken, tot ten hoogste 52 weken verlengd bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij arbeidsreglement, op voorwaarde dat het uurrooster van de betrokken personeelsleden over dezelfde periode wordt vastgesteld en bij hen gekend is ten minste één maand vóór de aanvang ervan

De grenzen van de arbeidsduur vastgesteld door de artikelen 19 en 20 van de arbeidswet van 16 maart 1971, of een lagere grens vastgesteld door een collectieve arbeidsovereenkomst, kunnen overschreden worden, op voorwaarde dat gedurende een periode van vier weken gemiddeld niet meer uren gewerkt wordt dan het aantal uren dat vastgesteld wordt door of op basis van deze bepalingen. Met naleving van artikel 26bis van de wet van 16 maart 1971 kan die referentieperiode verlengd worden door een collectieve arbeidsovereenkomst of door het arbeidsreglement, zonder de periode van 52 weken te mogen overschrijden en op voorwaarde dat het uurrooster van de personeelsleden op wie deze uitbreiding betrekking heeft over dezelfde periode wordt vastgesteld en bij het betrokken personeel gekend is ten minste één maand vóór de aanvang ervan. Met het akkoord van de werknemer kunnen wijzigingen aan dat uurrooster worden aangebracht teneinde te kunnen inspelen op situaties zoals ziekte, vertrek en wijziging van uurroosters.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — A.R. du 26 mai 2002 relatif à la durée du travail des travailleurs occupés dans des institutions et services ressortissant à la Sous-commission paritaire des maisons d'éducation et d'hébergement de la Communauté française, de la Région wallonne et de la Communauté germanophone (C.P. 319.02), art. 4 · NUMAC 2002012660 · M.B. du 4 juin 2002, p. 25047 · dossier 2002-05-26/34 · gelezen op 2026-09-06

Gedurende de externe verblijven worden, per periode van 24 uren, de aanwezigheidsuren van de werknemer als arbeidstijd beschouwd ten belope van een periode van maximum 11 uren per dag en 50 uren per week. Onder extern verblijf wordt verstaan elk verblijf dat beoogt aan de begunstigden van de betrokken diensten en inrichtingen een onderbreking van het gewone ritme van het dagelijks leven te verschaffen, en dit met name tijdens de schoolvakanties of vakantieperioden, bepaalde weekends of feestdagen. Buiten die verblijven wordt voor elke arbeidsprestatie verricht tussen 20 en 6 uur 's morgens een rustperiode van maximum 3 uren niet als arbeidstijd beschouwd, voor zover deze rust genomen wordt op een plaats die daartoe behoorlijk werd ingericht.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — A.R. du 26 mai 2002 relatif à la durée du travail des travailleurs occupés dans des institutions et services ressortissant à la Sous-commission paritaire des maisons d'éducation et d'hébergement de la Communauté française, de la Région wallonne et de la Communauté germanophone (C.P. 319.02), art. 2 et 3 · NUMAC 2002012660 · M.B. du 4 juin 2002, p. 25047 · dossier 2002-05-26/34 · gelezen op 2026-09-06

Het aantal prestaties per vier weken wordt beperkt tot twintig voor een voltijdse betrekking ; een inrichting of dienst kan bij collectieve arbeidsovereenkomst de referteperiode verlengen tot maximum 65 prestaties per kwartaal. Onder prestatie wordt verstaan een onafgebroken arbeidsperiode, eventueel onderbroken door een pauze van maximum 90 minuten die geen afbreuk doet aan de eenheid van de prestatie. De pauze die wordt toegekend tussen twee prestatiegedeelten van dezelfde aard, met inbegrip van de tijd die voor de maaltijdpauze wordt vrijgemaakt, mag niet meer bedragen dan 90 minuten ; wordt niet beschouwd als prestatie van dezelfde aard, een prestatie waarvan een gedeelte bestaat uit een ploegvergadering, een deelname aan contacten met de families of de omgeving van de rechthebbende, of een prestatie die gekoppeld is aan de uitoefening van een vakbondsmandaat.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2002 contenant certaines dispositions quant aux conditions de travail et de rémunération, art. 9 et 11 · dépôt 66253/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 25 janvier 2007, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 14 décembre 2006 · gelezen op 2026-09-06

Voor het personeel van wie een gedeelte van de prestaties plaatsvindt tussen 20 uur en 6 uur mag, wanneer een prestatie bestaat uit een pedagogische vergadering, een opleidingssessie, een prestatie gekoppeld aan de uitoefening van een vakbondsmandaat of een prestatie van referent, en deze gevolgd of voorafgegaan wordt door een andere prestatie, de periode tussen deze twee prestaties korter zijn dan de minimumperiode van 11 uren ; in dat geval mag de periode die voorafgaat aan de eerste van de twee prestaties alsook de periode die volgt op de tweede prestatie niet korter zijn dan 11 uren. Wanneer deze prestaties een bijkomende verplaatsing op de dag teweegbrengen, moet deze worden beschouwd als een zendingsverplaatsing en als dusdanig worden vergoed.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2002 contenant certaines dispositions quant aux conditions de travail et de rémunération, art. 10 · dépôt 66253/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 25 janvier 2007, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 14 décembre 2006 · gelezen op 2026-09-06

Voor de werknemers van de inrichtingen en diensten die erkend en/of gesubsidieerd zijn door het Agence pour une Vie de Qualité (AViQ), door de Service Public de Wallonie intérieur Action sociale (spw ias) of door het Fonds du Logement de Wallonie, alsook voor die van de inrichtingen die dezelfde activiteiten uitoefenen en waarvan de hoofdactiviteit in het Waalse Gewest gevestigd is, wordt de conventionele wekelijkse duur van de voltijdse arbeidstijd verminderd van 38 uur tot 36 uur vanaf 55 jaar, tot 34 uur vanaf 58 jaar en tot 32 uur vanaf 60 jaar, met integraal loonbehoud en compenserende aanwerving. De nieuwe arbeidsregeling treedt in werking vanaf de eerste dag van de maand die volgt op die waarin de leeftijd wordt bereikt. De vermindering wordt verrekend op één of meerdere dagen van de week volgens de keuze van de werknemer, met het akkoord van de werkgever ; de partijen kunnen ook afspreken dat zij de vorm aanneemt van verloonde inhaalrustdagen, waarbij de wekelijkse arbeidstijd dan als een gemiddelde op jaarbasis wordt berekend, ten belope van maximaal 96 uur per jaar vanaf 55 jaar, 192 uur vanaf 58 jaar en 288 uur vanaf 60 jaar. Het arbeidsreglement van elke onderneming wordt aangepast in functie van deze overeenkomst.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 22 septembre 2022 introduisant une réduction collective de la durée du travail avec embauche compensatoire pour le personnel des secteurs dépendant de la Région wallonne, art. 2, 4, 5, 6 et 10 · dépôt 176221/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 30 mai 2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 18 avril 2023 · gelezen op 2026-09-06

Voor de werknemers van de inrichtingen en diensten die erkend en/of gesubsidieerd zijn door het Waalse Gewest, alsook voor die van de inrichtingen die dezelfde activiteiten uitoefenen en waarvan de hoofdactiviteit in het Waalse Gewest gevestigd is, wordt een loontoeslag toegekend voor onregelmatige prestaties : 26 pct. voor de prestaties uitgevoerd op zaterdagen van 6 tot 20 uur, niet cumuleerbaar met de toeslagen voor feestdagen ; 56 pct. voor de prestaties uitgevoerd op zon- en feestdagen van 0 tot 24 uur, niet cumuleerbaar met de toeslagen voor zaterdagwerk en nachtprestaties ; 35 pct. voor de prestaties uitgevoerd tijdens de nacht tussen 20 uur en 6 uur van maandag tot zaterdag. Deze toeslagen vormen loon in de zin van de wet van 12 april 1965 en moeten contant worden betaald op het ogenblik waarop het loon voor de gepresteerde uren verschuldigd is.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 22 septembre 2022 relative aux sursalaires pour prestations irrégulières (Région wallonne), art. 3 et 4 · dépôt 175807/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 21 septembre 2023, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 7 mai 2023 · gelezen op 2026-09-06

Zonder afbreuk te doen aan de algemene reglementering betreffende de jaarlijkse vakantie heeft iedere werknemer die hiertoe een aanvraag doet, elk jaar recht op een minimumperiode van drie opeenvolgende weken vakantie ; voor de werknemers die weekendprestaties verrichten, omvat deze periode drie opeenvolgende vrije weekends. Voor de werknemers die tewerkgesteld zijn in een cyclus van één weekend op twee betekent dit niet dat zij recht hebben op vijf opeenvolgende prestatievrije weekends, noch dat zij meer dan 25 weekends per jaar moeten presteren. De toekenning kan enkel beperkt worden door ernstige dienstvereisten, namelijk de noodzaak tot het verzekeren van de onmisbare omkadering om de werking van de dienst te waarborgen. Het arbeidsreglement legt de procedure vast die de termijnen en de manieren bepaalt voor het indienen van de aanvragen van de werknemers en de antwoorden van de werkgever, alsook de prioriteitscriteria en de voorwaarden voor het vastleggen van de individuele en de collectieve vakantieplanningen.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 19 décembre 2023 concernant l'octroi des vacances annuelles, art. 3 et 4 · dépôt 185579/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 26 septembre 2024, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 1er septembre 2024 · gelezen op 2026-09-06

Op 27 september wordt een bijkomende verlofdag toegekend naar aanleiding van het feest van de Franse Gemeenschap, aan de werknemers van de inrichtingen en diensten die erkend en/of gesubsidieerd worden door de Franse Gemeenschap, alsook aan die van de inrichtingen en diensten die dezelfde activiteiten uitoefenen en niet erkend noch gesubsidieerd worden en waarvan de hoofdactiviteit in het Waalse Gewest gevestigd is. De collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten in de inrichtingen en diensten die voordeligere bepalingen bevatten voor de werknemers blijven van toepassing.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 26 avril 2007 octroyant un jour de congé à l'occasion de la fête de la Communauté française, art. 3 et 4 · dépôt 83429/CO/319.02 · A.R. publié au M.B. du 26 octobre 2007, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 10 octobre 2007 · gelezen op 2026-09-06

Paritair comité 319 : de andere comités

PC 319.02 is een onderafdeling van paritair comité 319. Dezelfde familie telt:

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 319.02

Comités in dezelfde familie