mijnloonbrief.be

PC 113.04 — PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE PANNENBAKKERIJEN

Minimumloon dat wij toetsen

€ 19,13 per uur

PSC 113.04: bruto baremiek minimumuurloon van klasse A (de laagste van de zeven, A tot G): 18,72 €/u op 01/01/2025, daarna 19,13 €/u op 01/01/2026 na de jaarlijkse indexering van art. 33. Referentieregime 38u/week. Een 'starter'-regeling verlaagt dit tarief tot 97 % gedurende de eerste 3 maanden voor klasse A en B (94 % dan 97 % voor klasse E): de werkelijke ondergrens van de allereerste maanden kan dus lichtjes lager liggen dan het hier gecodeerde cijfer, dat de basisklasse zonder verlaging blijft. Studenten: aparte schaal in percentage van klasseloon A, van 65 % (12,17 €/u in 2025, 12,43 €/u op 01/01/2026) tot 80 % (4de jaar); onder het toepasselijke GGMMI voor 21-jarigen en ouder geldt het GGMMI. ⚠️ Het bedrag van 2026 is BEREKEND: geen enkele tekst herpubliceert het. Het past de indexeringsclausule van art. 33 toe (gemiddelde van de afgevlakte gezondheidsindex van november en december, jaar op jaar — Statbel) op de gepubliceerde schaal. Dezelfde formule, vertrekkend van de bij koninklijk besluit algemeen verbindend verklaarde schaal van 2023, geeft exact de 18,72 €/u die de sector voor 2025 heeft gepubliceerd.

Bron: CAO van 5 februari 2026, neerlegging 200899/CO/113.04 (art. 2 loonschaal op 01/01/2025, art. 5 studentenloonschaal, art. 33 jaarlijkse indexering op 1 januari), waarvan de art. 32-33 woordelijk die van de CAO van 11 september 2023, neerlegging 184261/CO/113.04, overnemen, algemeen verbindend verklaard bij K.B. van 14 april 2026 (Belgisch Staatsblad van 29 april 2026) — art. 2 van 184261: klasse A op 17,81 €/h op 01/01/2023, 200899: art. 2, 5, 32 en 33 · 184261: art. 2, 32 en 33 (neerlegging 200899) — van kracht op 2026-01-01 de tekst lezen

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de uurpremies
  • de maaltijdcheques
  • de verplaatsingskosten
  • het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
  • zondag en feestdagen
  • de tijdelijke werkloosheid
  • de sectorale bijdragen
  • de DmfA

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE PANNENBAKKERIJEN
  • Registercode : 1130400
  • Onder comité PC 113
  • Statuten : arbeiders
  • Indexering : 01 — laatst toegepast 2026-01-01

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Wekelijkse arbeidsduur: 38 uur

De wekelijkse arbeidsduur is bepaald op achtendertig uren. Hij wordt verdeeld over de eerste vijf dagen van de week. Hij mag gespreid worden tussen de maandagmorgen en de zaterdagmorgen voor de arbeiders die ploegenarbeid verrichten. Voor de arbeiders vermeld onder art. 6, 2de lid, en art. 7, 2de lid, van de overeenkomst mogen de ploegen gespreid worden tussen de maandagmorgen tot en met de zaterdagnamiddag.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2026, « conditions de travail dans l'industrie des tuileries », chapitre VI, art. 13 · dépôt 200899/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 17 août 2026 — art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 : opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 1er septembre 2026 · gelezen op 2026-09-05

De arbeidsduur wordt verminderd door toekenning van één dag compensatieverlof aan elke arbeider die minstens vier weken anciënniteit heeft in het lopende werkjaar. Deze dag wordt genomen zoals overeengekomen in de ondernemingsraad. De toegekende bijkomende compensatiedag wordt, op het ogenblik dat hij genomen wordt, door de werkgever betaald aan 7,6 uren vermenigvuldigd met het baremieke uurloon, verhoogd met de van toepassing zijnde toeslagen ; voor de deeltijdsen gebeurt de betaling pro rata het aantal gewerkte uren per week.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 21 mai 2007, « durée du travail », art. 2 — en vigueur le 1er janvier 2007, conclue pour une durée indéterminée (art. 4), abrogeant la CCT du 27 juin 2005 de même objet (art. 3) · dépôt 84225/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 9 octobre 2007 · A.R. publié au M.B. du 30 mai 2008, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 19 mars 2008 · gelezen op 2026-09-05

De arbeiders die in drie opeenvolgende ploegen werken, genieten een premie van 8 pct. berekend op het werkelijk verdiend loon, waarbij de overlonen die eventueel voor het werk op zondag worden toegekend van deze berekening zijn uitgesloten ; enkel de arbeiders die in een onderbroken drieploegenstelsel werken, met een onderbreking in het midden en op het einde van de week, genieten deze premie. De arbeiders die in twee ploegen werken — één voor- en/of één namiddag — genieten een toeslag van 6 pct. op hun uurloon ; het ploegenstelsel kan zich uitstrekken tot een deel van de zaterdagnamiddag, en de arbeiders die de zaterdagvoormiddag opkomen, genieten voor de zaterdag een bijkomende premie van 8 pct. berekend op het werkelijk verdiende loon.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2026, « conditions de travail dans l'industrie des tuileries », chapitre III, art. 6 et 7 · dépôt 200899/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 17 août 2026 — art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 : opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 1er septembre 2026 · gelezen op 2026-09-05

De arbeiders die in de nacht werken in het vijfdagenstelsel, genieten een premie van 16 pct. berekend op hun uurloon. Voor nachtarbeid aangevat op zaterdag wordt een premie van 33,33 pct. en voor nachtarbeid aangevat op zondag een premie van 100 pct. op het uurloon toegekend. Voor het werk op zon- en feestdagen wordt een loonbijslag van 100 pct. toegekend.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2026, « conditions de travail dans l'industrie des tuileries », chapitre III, art. 8 et 9 · dépôt 200899/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 17 août 2026 — art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 : opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 1er septembre 2026 · gelezen op 2026-09-05

De eindejaarspremie wordt betaald tussen 16 en 20 december van het jaar.
Rubriek 3° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2026, « conditions de travail dans l'industrie des tuileries », chapitre VIII, art. 24, dernier alinéa · dépôt 200899/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 17 août 2026 — art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 : opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 1er septembre 2026 · gelezen op 2026-09-05

De bestaanszekerheidsuitkeringen worden betaald op de normale datum van de uitbetalingen van het loon.
Rubriek 3° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 5 février 2026, « conditions de travail dans l'industrie des tuileries », chapitre VII, art. 21 · dépôt 200899/CO/113.04 · avis de dépôt M.B. du 17 août 2026 — art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 : opposable à tous les employeurs de la sous-commission depuis le 1er septembre 2026 · gelezen op 2026-09-05

Paritair comité 113 : de andere comités

PC 113.04 is een onderafdeling van paritair comité 113. Dezelfde familie telt:

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 113.04

Comités in dezelfde familie