mijnloonbrief.be

PC 142.03 — PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE TERUGWINNING VAN PAPIER

Minimumloon dat wij toetsen

€ 14,75 per uur

PSC 142.03: klasse 5 (de laagste) — € 14,75/u sinds 01/04/2026. LET OP — WAAR DIT BEDRAG VANDAAN KOMT, WANT HET WORDT NERGENS GEPUBLICEERD. De laatst neergelegde loontabel is die van de cao van 3 december 2021 (neerlegging 171525), die € 12,10/u geeft op 01/01/2022; geen enkele recentere overeenkomst publiceert een nieuwe schaal — die van 25 februari 2026 (neerlegging 199683) gaat over de functieclassificatie, ploegenarbeid, werkkleding, klein verlet, anciënniteitsverlof, re-integratie en flexi-jobs, en over geen enkel loonbedrag. Maar uw sector indexeert zelf: de cao van 31 augustus 2011 "Loonvorming" (neerlegging 106177), algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 20 december 2012 (B.S. van 17 januari 2013), verhoogt de lonen met 2 pct. telkens het indexcijfer van de maand een spilindex overschrijdt, op de eerste van de volgende maand, zonder nieuwe neerlegging (art. 5). Sindsdien waren er tien overschrijdingen. De databank Minimumlonen van de FOD publiceerde de eerste drie (€ 12,34 · 12,59 · 12,84/u) en werkt de schaal niet meer bij sinds 1 september 2022, wat zij uitdrukkelijk vermeldt; de zeven volgende worden hier berekend op de afgevlakte gezondheidsindex. Ga uw schaal na bij uw paritair comité; het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen (cao nr. 43) is u hoe dan ook bovendien verschuldigd.

Bron: CAO van 3 december 2021 betreffende de uurlonen — bericht van neerlegging in het B.S. van 20/04/2022, ALGEMEEN VERBINDEND VERKLAARD bij koninklijk besluit van 14/10/2022 (B.S. van 07/03/2023). De tien latere periodes komen NIET uit een andere loontabel: het zijn de trappen voortgebracht door CAO 106177/CO/142.03 van 31/08/2011 "Loonvorming", zelf ALGEMEEN VERBINDEND VERKLAARD bij koninklijk besluit van 20/12/2012 (B.S. van 17/01/2013), van onbepaalde duur, Art. 2 (minimumuurlonen / salaires horaires minimum); voor de indexering, CAO 106177, art. 4 tot 6 en 8 (neerlegging 171525) — van kracht op 2022-01-01

Wat de loonbrief berekent

  • het minimumloon
  • de Dimona
  • de DmfA

Wat de afrekening vermeldt zonder te berekenen

  • het flexiloon
  • de eindejaarspremie
  • de uurpremies
  • de maaltijdcheques
  • de verplaatsingskosten
  • het gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid
  • de tijdelijke werkloosheid
  • de sectorale bijdragen
  • de vermeldingen op de afrekening

Identiteit en indexering

  • Officiële benaming : PARITAIR SUBCOMITE VOOR DE TERUGWINNING VAN PAPIER
  • Registercode : 1420300
  • Onder comité PC 142
  • Statuten : arbeiders

Wat het arbeidsreglement moet vermelden

Wekelijkse arbeidsduur: 38 uur

De maximumgrens van de wekelijkse arbeidsduur wordt verkort tot 38 uren vanaf 1 december 2000, met mogelijkheid tot spreiding over zes dagen van de week en met behoud van loon.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 13 mars 2008 « Durée hebdomadaire du travail », art. 2, prise en exécution de l'article 3 de l'accord national 2007-2008 du 25 juin 2007 ; effet au 1er décembre 2000, durée indéterminée (art. 5) ; elle remplace la CCT du 14 septembre 2007 relative à la durée hebdomadaire du travail (85646/CO/142.03) et reprend la règle déjà posée par la CCT du 30 novembre 2000 (56046/CO/142.03, A.R. du 2 avril 2002) · dépôt 87803/CO/142.03 · avis de dépôt MB 22/04/2008 · A.R. publié MB 16/01/2009, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 13 novembre 2008 · gelezen op 2026-09-05

De eerste 38 arbeidsuren worden vergoed aan 100 %. Vanaf het 39ste arbeidsuur worden de uren beschouwd als overuren, te betalen aan 150 %.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 13 mars 2008 « Durée hebdomadaire du travail », art. 4 (chapitre IV, transport) ; ce chapitre entre en vigueur le 1er janvier 2007, durée indéterminée (art. 5) · dépôt 87803/CO/142.03 · avis de dépôt MB 22/04/2008 · A.R. publié MB 16/01/2009, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 13 novembre 2008 · gelezen op 2026-09-05

In uitvoering van de wet van 17 maart 1987 betreffende de invoering van nieuwe arbeidsregelingen in de ondernemingen en van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 42 van de Nationale Arbeidsraad van 2 juni 1987 is het de ondernemingen toegestaan om op ondernemingsvlak afwijkende arbeidsregimes in te voeren. In ondernemingen met een vakbondsafvaardiging kunnen deze nieuwe arbeidsregelingen worden ingevoerd middels het sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst. In ondernemingen zonder vakbondsafvaardiging kunnen zij worden ingevoerd overeenkomstig de procedure tot wijziging van het arbeidsreglement, zoals bepaald door de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen. De resultaten van de besprekingen met de arbeiders worden bezorgd aan de voorzitter van het paritair subcomité, dat de invoering van de nieuwe arbeidsregelingen evalueert.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 30 octobre 2023 « Nouveaux régimes de travail », art. 2 ; effet au 1er novembre 2023, durée indéterminée (art. 3) ; l'erratum du SPF corrige l'avant-dernier alinéa de l'art. 2, où le nom de la sous-commission doit se lire « Sous-commission paritaire pour la récupération du papier » · dépôt 184009/CO/142.03 · avis de dépôt MB 12/12/2023 · A.R. publié MB 18/04/2024, algemeen verbindend verklaard bij A.R. du 25 mars 2024 · gelezen op 2026-09-05

In de ondernemingen waar het werk in opeenvolgende ploegen is georganiseerd, worden de minimumuurlonen verhoogd met een premie voor ploegenarbeid van 10 %.
Rubriek 1° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 13 février 2026 « Conditions de travail et de rémunération », art. 3 (chapitre III, travail en équipes) ; effet au 1er janvier 2026, durée indéterminée ; remplace la CCT du 30 octobre 2023 (184004/CO/142.03, A.R. du 7 mai 2025, MB 23/05/2025) ; non rendue obligatoire au 05/09/2026, elle lie néanmoins tous les employeurs de la sous-commission quant aux relations individuelles de travail depuis le 10 juin 2026, en vertu de l'art. 26 de la loi du 5 décembre 1968 · dépôt 199683/CO/142.03 · avis de dépôt MB 26/05/2026 · gelezen op 2026-09-05

De arbeiders hebben recht op één betaalde dag anciënniteitsverlof vanaf het kalenderjaar waarin zij 5 jaar dienst bereiken, op een tweede betaalde dag anciënniteitsverlof vanaf het kalenderjaar waarin zij 10 jaar dienst in de onderneming bereiken, en op een derde dag vanaf het kalenderjaar waarin zij 20 jaar dienst in de onderneming bereiken. Ondernemingsovereenkomsten die voorzien in een gunstiger regime blijven bestaan.
Rubriek 10° van art. 6, § 1, van de wet van 8 april 1965 — CCT du 13 février 2026 « Conditions de travail et de rémunération », art. 6 (chapitre VI, congé d'ancienneté) ; effet au 1er janvier 2026, durée indéterminée ; non rendue obligatoire au 05/09/2026, applicable aux relations individuelles de travail de toute la sous-commission depuis le 10 juin 2026 (art. 26 de la loi du 5 décembre 1968) · dépôt 199683/CO/142.03 · avis de dépôt MB 26/05/2026 · gelezen op 2026-09-05

Paritair comité 142 : de andere comités

PC 142.03 is een onderafdeling van paritair comité 142. Dezelfde familie telt:

Alle 177 paritaire comités

Een loonbrief maken voor PC 142.03

Comités in dezelfde familie