Flexi-job in alle sectoren: de uitsluitingen sinds juli 2026
Gepubliceerd op 26 september 2026
In het kort : Sinds 1 juli 2026 is de flexi-job toegelaten in alle sectoren, behalve bij uitsluiting door een koninklijk besluit (wet van 28 juni 2026). Het KB van 30 augustus 2026 (Belgisch Staatsblad van 9 september 2026) sluit de dienstboden van PC 323 en de landbouw (PC 144) uit, en met uitzonderingen ook het tuinbouwbedrijf (PC 145), de begrafenisondernemingen (PC 320) en de zeevisserij (PC 143).
Tot 30 juni 2026 mocht een werkgever alleen flexi-jobbers inzetten in sectoren die één voor één waren toegelaten. De wet van 28 juni 2026 draait dat om: sinds 1 juli 2026 zijn alle sectoren open, tenzij een koninklijk besluit ze uitsluit. Het eerste zo'n besluit, van 30 augustus 2026, stond op 9 september in het Belgisch Staatsblad en werkt terug tot 1 juli.
Wat de wet van 28 juni 2026 veranderde
Artikel 5 van de wet van 28 juni 2026 herschrijft artikel 2 van de wet van 16 november 2015, de wet die de flexi-jobs invoerde. Het stelsel geldt voortaan voor alle werknemers en werkgevers die onder de RSZ-wet van 27 juni 1969 vallen, tenzij ze geheel of gedeeltelijk zijn uitgesloten.
De oude lijst van toegelaten sectoren verdwijnt: het koninklijk besluit van 18 april 2024 waarin ze stond, is opgeheven (artikel 11). De wet is in werking getreden op 1 juli 2026 (artikel 17).
De vraag voor u is dus niet meer of uw sector op de lijst staat, maar of uw sector of uw activiteit eruit werd gehaald.
De sectoren die het KB van 30 augustus 2026 uitsluit
Het koninklijk besluit van 30 augustus 2026 is het eerste uitsluitingsbesluit onder de nieuwe regeling. Het geldt sinds 1 juli 2026 (artikel 3), hoewel het pas op 9 september verscheen. In de privésector sluit artikel 1 uit:
- PC 323: de dienstboden en hun werkgevers, en alleen zij. Het beheer van gebouwen en de vastgoedmakelaars, die onder hetzelfde comité vallen, zijn niet geviseerd.
- PC 320, begrafenisondernemingen: uitgesloten, behalve de handarbeiders die de activiteiten uitoefenen bedoeld in artikel 2/4, tweede lid, van de wet van 27 juni 1969.
- PC 144, landbouw: uitgesloten, zonder geschreven uitzondering.
- PC 145, tuinbouwbedrijf: uitgesloten, behalve de bedrijven die parken, tuinen, sportterreinen, recreatieterreinen, groene zones en begraafplaatsen aanleggen of onderhouden, ook in eigen beheer wanneer de werklieden hoofdzakelijk daarmee bezig zijn.
- PC 143, zeevisserij: uitgesloten, behalve het walpersoneel bij werkgevers van categorie 019 en het personeel van de pakhuizen bij werkgevers van categorie 086.
Vlaamse kinderopvang: een plafond, geen verbod
Artikel 2 van het besluit betreft de kinderopvang (NACE-code 88.91) onder PC 331, of gevestigd in het Nederlandse taalgebied of afhangend van de Vlaamse Gemeenschap in Brussel. Een flexi-job blijft er mogelijk, maar het jaarlijkse flexi-arbeidsvolume mag niet hoger liggen dan 20 procent van het totale volume dat alle werknemers van de werkgever presteren.
Boven die grens vallen de prestaties buiten het stelsel. De berekening gebeurt per kalenderjaar: men telt, kwartaal per kwartaal, de globale tewerkstellingsbreuk (µ glob) van alle werknemers van de werkgever op.
Hoe een sector nog kan worden uitgesloten: 30 september
Een uitsluiting wordt niet beslist in een cao alleen. De wet vraagt een koninklijk besluit, overlegd in de Ministerraad, op unaniem verzoek van het paritair comité of subcomité, en op voorwaarde dat er een collectieve arbeidsovereenkomst over werd gesloten.
Het verzoek moet uiterlijk op 30 september bij de RSZ zijn. Het wordt dan opgenomen in het volgende koninklijk besluit, dat op 1 januari van het jaar daarop in werking treedt en alle uitsluitingen en hertoelatingen van dat jaar bundelt. Alleen voor 2026 laat artikel 14 een uitsluiting of toelating per kwartaal toe.
In de praktijk: op 1 januari 2027 kunnen er sectoren bijkomen. Een sector die een cao over flexi-jobs sloot, is daardoor nog niet uitgesloten zolang het besluit niet verschenen is, maar die cao kan u op andere gronden binden. Lees ze.
Wat niet verandert, en twee misverstanden
Artistieke, artistiek-technische en artistiek-ondersteunende functies blijven in alle gevallen uitgesloten, in welke sector ook (nieuw artikel 2, § 7).
Eerste misverstand: het paritair comité volstaat niet altijd. In PC 323, PC 145 en PC 143 hangt alles af van de werkelijke activiteit of van de RSZ-werkgeverscategorie, niet alleen van het nummer van het comité.
Tweede misverstand: de publicatiedatum is niet de datum van uitwerking. Het besluit van 9 september geldt sinds 1 juli. Hebt u sindsdien een flexi-jobber ingezet in een uitgesloten activiteit, lees dan de tekst en vraag de RSZ hoe u uw aangiften rechtzet.
Moet u een loonbrief opmaken? Maak in drie stappen een conforme Belgische loonbrief — de eerste van elke maand is gratis, zonder kaart.
Bronnen
- Moniteur belge — Loi du 28 juin 2026 portant dispositions diverses concernant les flexi-jobs (2 juillet 2026)
- Belgisch Staatsblad — Wet van 28 juni 2026 houdende diverse bepalingen inzake flexi-jobs (2 juli 2026)
- Moniteur belge — Arrêté royal du 30 août 2026, champ d'application des flexi-jobs (9 septembre 2026)
- Belgisch Staatsblad — Koninklijk besluit van 30 augustus 2026, toepassingsgebied van de flexi-jobs (9 september 2026)